AB 2019/128
Fraudeonderzoek WW-uitkering. Art. 8 lid 2 EVRM en art. 5:13 Awb. Vordering bankafschriften op grond van art. 5:17 Awb levert strijd op met het subsidiariteitsvereiste. Bewijsuitsluiting want geen eerlijk proces.
CRvB 11-10-2018, ECLI:NL:CRVB:2018:3205, m.nt. M.W. Venderbos
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
11 oktober 2018
- Magistraten
Mrs. H.G. Rottier, B.M. van Dun, E. Dijt
- Zaaknummer
16/6808 WW-T
- Noot
M.W. Venderbos
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS22155:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Sociale zekerheid werkloosheid / Algemeen
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Toezicht
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2018:3205, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 11‑10‑2018
- Wetingang
Essentie
Fraudeonderzoek WW-uitkering. Art. 8 lid 2 EVRM en art. 5:13 Awb. Vordering bankafschriften op grond van art. 5:17 Awb levert strijd op met het subsidiariteitsvereiste. Bewijsuitsluiting want geen eerlijk proces.
Samenvatting
Het bij banken opvragen door het UWV van de bankafschriften van appellant vormt een inbreuk op het recht van appellant op respect voor zijn privéleven als bedoeld in art. 8 lid 1 EVRM. Partijen verschillen van mening over het antwoord op de vraag of die inbreuk in overeenstemming is met art. 8 lid 2 EVRM.
De ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.