Einde inhoudsopgave
RvdW 2015/966
Bevestiging mondeling vonnis dat in pv is aangetekend conform Regeling aantekening mondeling vonnis mogelijk, ook bij ontkennende verdachte in appel.
HR 01-09-2015, ECLI:NL:HR:2015:2454
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
1 september 2015
- Magistraten
Mrs. W.A.M. van Schendel, B.C. de Savornin Lohman, H.A.G. Splinter-van Kan
- Zaaknummer
14/03348
- Conclusie
A-G i.b.d. mr. W.H. Vellinga
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2015:2454, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 01‑09‑2015
ECLI:NL:PHR:2015:1391, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 26‑05‑2015
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑07‑2012
- Wetingang
Art. 359 lid 3, 359a, 360, 378 lid 2, 423 lid 1 Sv
Essentie
De opvatting dat een aantekening mondeling vonnis, die wat betreft de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen in overeenstemming is met de Regeling aantekening mondeling vonnis, slechts in het geval als bedoeld in art. 359 lid 3 tweede volzin Sv (bekennende verdachte) door het hof mag worden bevestigd, is onjuist (vgl. HR NJ 2010/7 en HR NJ 2015/176). Zelfs indien ter zitting van de meervoudige kamer in appel door verdachte alsnog anders is verklaard of door zijn raadsman vrijspraak is bepleit, staat het de appelrechter vrij een aantekening mondeling vonnis als vorenbedoeld ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.