JONDR 2020/201
Hof Amsterdam, 24-12-2019, nr. 200.270.725/01 OK
Hof Amsterdam 24-12-2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:4612
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
24 december 2019
- Zaaknummer
200.270.725/01 OK
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2022:2219, Uitspraak, Hof Amsterdam, 27‑07‑2022
ECLI:NL:GHAMS:2020:2986, Uitspraak, Hof Amsterdam, 12‑10‑2020
ECLI:NL:GHAMS:2020:3164, Uitspraak, Hof Amsterdam, 31‑08‑2020
ECLI:NL:GHAMS:2020:1, Uitspraak, Hof Amsterdam, 02‑01‑2020
ECLI:NL:GHAMS:2019:4689, Uitspraak, Hof Amsterdam, 31‑12‑2019
ECLI:NL:GHAMS:2019:4612, Uitspraak, Hof Amsterdam, 24‑12‑2019
- Wetingang
Essentie
Ontvankelijkheid verzoekster; gegronde redenen; onmiddellijke voorzieningen getroffen; aanhouding overigens.
Uitspraak
Verzoekster is ontvankelijk in haar verzoek. Zij heeft voldaan aan het bepaalde in art. 2:349 lid 1 BW. Zij heeft voorafgaand aan haar verzoek verschillende keren schriftelijk haar bezwaren tegen het beleid en de gang van zaken aan het bestuur en de raad van commissarissen kenbaar gemaakt in brieven, zonder resultaat. Verweersters hebben redelijkerwijze de gelegenheid gehad deze bezwaren te onderzoeken en naar aanleiding daarvan maatregelen te nemen.
De eigenmachtige en eigenzinnige manier waarop de indirecte bestuurder van verweerster optreedt, leidt tot de voorlopige conclusie dat ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.