Rechtsgevolgen van stille cessie
Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/12.5:12.5 Inhoud van de onderlinge rechtsverhouding
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/12.5
12.5 Inhoud van de onderlinge rechtsverhouding
Documentgegevens:
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS590697:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie hoofdstuk 11, passim.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
774. Net als de bevoegdheidsverdeling ten aanzien van de stil gecedeerde vordering en de daarmee samenhangende rechten en bevoegdheden, wordt ook de onderlinge rechtsverhouding tussen de stille cedent en de stille cessionaris door twee factoren bepaald. De rechtsverhouding tussen de stille cedent en de stille cessionaris bestaat uit verplichtingen en bevoegdheden. De stille cedent en de stille cessionaris kunnen een regeling treffen inzake de bevoegdheden en de verplichtingen in hun onderlinge rechtsverhouding. Bij gebreke daarvan of onduidelijkheid daarover, wordt onderzocht wat de inhoud van deze rechtsverhouding zou kunnen zijn. Deze rechtsverhouding is ingekleurd aan de hand van de bepalingen inzake de overgang van vorderingen en de koop van vorderingen alsmede lastgeving en de verschillende andere regelingen waarbij een derde andermans recht uitoefent.1
Ten eerste wordt de rechtsverhouding bepaald door de bepalingen die van toepassing zijn op de rechtsverhouding tussen de oude schuldeiser en de nieuwe schuldeiser (art. 6:143 BW) en, indien de vordering gecedeerd is ten titel van koop, door de bepalingen die van toepassing op de rechtsverhouding tussen de koper en de verkoper (art. 7:1 e.v. jo 7:47 BW, alsmede de relevante bepalingen in Boek 6 BW). Ten tweede wordt de rechtsverhouding bepaald door de overeenkomst van lastgeving die tussen de stille cedent en de stille cessionaris, zo die bestaat. De regeling der lastgeving is niet specifiek toegesneden op de uitoefening van andermans recht, en evenmin op de uitoefening van andermans vordering. De inhoud van de lastgevingsovereenkomst kan, net als de bevoegdheidsverdeling tussen de stille cedent en de stille cessionaris, mede worden ingekleurd aan de hand van de inzichten ontleend aan de systematische analyse.
Uit de bepalingen inzake de overgang van de vordering volgt in de kern dat de oude schuldeiser (de stille cedent) verplicht is om de nieuwe schuldeiser (de stille cessionaris) in staat te stellen om dena de overgang aan de stille cessionaris toebehorende vordering uit te oefenen (art. 6:143, 7:9 BW). Zijn de stille cessionaris en de stille cedent een last tot inning overeengekomen, dan volgt daaruit - in tegengestelde richting - dat de lastgever (de stille cessionaris) gehouden om de lasthebber (de stille cedent) macht over de vordering te verschaffen. Beide tegenovergestelde verplichtingen heffen elkaar op. De verplichting van de stille cedent wordt uitgesteld tot het moment van mededeling dan wel het moment van het einde van de lastgeving.
Is de vordering gecedeerd ten titel van koop, dan dient de vordering conform de koopovereenkomst te zijn (art. 7:17 BW) en zonder lasten en beperkingen, tenzij de koper (de stille cessionaris) deze uitdrukkelijk heeft aanvaard (art. 7:15 BW). Deze verplichting geldt vanaf het moment van de stille cessie, tenzij partijen anders zijn overeengekomen. De stil gecedeerde vordering is vanaf het moment van de stille cessie voor risico van de stille cessionaris.
Uit de regeling van lastgeving volgt dat de stille cessionaris als lastgever is gehouden jegens de stille cedent als lasthebber tot betaling van loon en vergoeding van kosten (art. 7:405-406 lid 1 BW). De stille cedent is gehouden jegens de stille cessionaris bij zijn werkzaamheden de zorg van een goed lasthebber in acht nemen (art. 7:401 BW); de stille cessionaris op de hoogte houden van zijn werkzaamheden ter uitvoering van de last en hem onverwijld in kennis stellen van de voltooiing van de last, indien de stille cessionaris daarvan onkundig is (art. 7:403 lid 1 BW); aan de stille cessionaris verantwoording te doen van de wijze waarop hij zich van de last heeft gekweten, en rekening te doen van de gelden die hij bij de uitvoering van de last ten laste van de stille cessionaris heeft uitgegeven of de gelden die hij te diens behoeve heeft ontvangen (art. 7:403 lid 2 BW); en niet in strijd te handelen met de bepalingen inzake tegenstrijdig belang (art. 7:416-7:418 BW). Indien verschillende vorderingen stil zijn gecedeerd, kunnen zij overeenkomen dat de stille cedent opgave doet van de vorderingen. Zij kunnen voorts overeenkomen dat de stille cedent zekerheid stelt voor de nakoming van zijn verplichtingen en dat hij het geïnde afgescheiden houdt en afdraagt aan de stille cessionaris. Zij kunnen nader de inhoud van de zorgverplichting ten aanzien van de vordering vastleggen. Zij kunnen voorts afspraken maken over de wijze van afdracht van het geïnde en in dat kader over de verrekening van vorderingen, alsmede over de momenten waarop afdracht plaatsvindt.
Partijen kunnen nader afspraken maken over de uitoefening van de stille cedent van de bevoegdheden en rechten die bij hem blijven, zoals de bevoegdheid om de aan de vordering onderliggende overeenkomst te ontbinden, op te zeggen, te wijzigen of over te nemen, alsmede zaken ten aanzien waarvan een eigendomsvoorbehoud is bedongen en retentierechten.
De stille cessionaris is als nieuwe schuldeiser en koper en als lastgever bevoegd om van de verplichtingen van de stille cedent als oude schuldeiser en als lasthebber nakoming te vorderen, en is bij niet-nakoming bevoegd om schadevergoeding te vorderen dan wei de koop en/of de lastgeving te ontbinden. Partijen kunnen aansprakelijkheid beperken of uitsluiten. De stille cessionaris kan voorts als lastgever te allen tijde de lastgeving opzeggen. De stille cedent is daartoe alleen bevoegd wegens gewichtige redenen, als hij de lastgeving is aangegaan in de uitoefening van een beroep of bedrijf. In voorkomende gevallen eindigt de lastgeving van rechtswege, onder meer in het faillissement van de stille cedent.
Hoewel de stille cedent en de stille cessionaris op grand van art. 3:94 lid 3 BW bevoegd zijn om mededeling te doen, zullen zij in hun onderlinge rechtsverhouding tot het doen van mededeling pas bevoegd zijn als de lastgeving is beëindigd (of op een ander moment zoals overeengekomen). De stille cessionaris is daartoe te allen tijde bevoegd, tegelijkertijd met de opzegging van de lastgeving; de stille cedent alleen als de lastgeving is geëindigd, of tegelijkertijd met de opzegging van de lastgeving wegens gewichtige redenen. Partijen kunnen (ook) over de beëindiging van de lastgeving andersluidende afspraken maken.