NJF 2016/366
Dexiazaak. Prejudiciële vragen aan de Hoge Raad over de wijze van schadeberekening wegens schending zorgplicht.
Rb. Amsterdam 30-06-2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:4298
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
30 juni 2016
- Magistraten
Mr. C.L.J.M. de Waal
- Zaaknummer
3582401 DX EXPL 14-379
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:2016:4298, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 30‑06‑2016
ECLI:NL:RBAMS:2016:9484, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 31‑03‑2016
ECLI:NL:RBAMS:2015:10191, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 24‑12‑2015
ECLI:NL:RBAMS:2015:10192, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 02‑07‑2015
ECLI:NL:RBAMS:2014:9862, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 18‑12‑2014
- Wetingang
Art. 392 Rv
Essentie
Dexiazaak. Prejudiciële vragen aan de Hoge Raad over de wijze van schadeberekening wegens schending zorgplicht.
Samenvatting
Het grote aantal (Dexia) zaken en het per zaak grote aantal feitelijke betalingen en verrekeningen over en weer rechtvaardigen een wijze van berekening van de (eventueel) aan de afnemer toekomende schadevergoeding (waaronder begrepen de verrekening van voordelen) die eenduidig, overzichtelijk en praktisch toepasbaar is. Duidelijkheid daarover ontbreekt thans, dat wil zeggen duidelijkheid met betrekking tot de hiervoor bedoelde vraagstukken. Deze duidelijkheid heeft niet alleen tot doel om de vele zaken in rechte op de juiste wijze te behandelen en te beslissen, maar ook ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.