Prg. 2013/98
Gevaar voor doorkruising strafproces. Het verzoek van een verdachte in een strafproces om een voorlopig civiel getuigenverhoor te houden, is bij voorbaat kansloos, zo lang hetzelfde feitencomplex ter beoordeling aan de strafrechter is voorgelegd.
Rb. Amsterdam 20-12-2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BY7038 (TWOCC e.a./Staat)
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
20 december 2012
- Magistraten
Mrs. R.A. Dudok van Heel, M.W. van der Veen, H.C. Bijleveld
- Zaaknummer
521001 / HA RK 12-262
- LJN
BY7038
- Roepnaam
TWOCC e.a./Staat
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
Burgerlijk procesrecht / Eerste aanleg
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:2012:BY7038, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 20‑12‑2012
- Wetingang
Essentie
Procesrecht. Dient civiel verzoek om voorlopig getuigenverhoor te worden toegewezen, indien gestelde feiten ook in strafrechtelijke procedure aan de orde zijn en strafzaak nog niet is afgerond?
Nee. Zo lang ten aanzien van een zelfde feitencomplex strafrechter nog geen onherroepelijke uitspraak heeft gedaan, dient civiele rechter zich van iedere bemoeienis te onthouden.
Samenvatting
Een verdachte in een strafzaak doet, samen met een aantal aan hem gelieerde vennootschappen, een verzoek tot het houden van een civiel voorlopig getuigenverhoor. Het verzoek richt zich tot de Staat en DNB. De zaak handelt om witwassen. Verzoekers baseren zich op Hof Den Haag ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.