NJB 2025/198:Delictsbestanddeel ‘voortzetting van de werkzaamheid’, art. 140 lid 2 (oud) Sr: aan dat bestanddeel komt een ruime uitleg toe, waarbij het gaat om ‘iedere gedraging die ten dienste staat aan het voortbestaan van de verboden organisatie’. In casu gaat het erom dat Bandidos Motorcycle Club Holland (BMC Holland) op grond van art. 2:20 BW verboden is verklaard en ontbonden, omdat de werkzaamheid van BMC Holland in strijd is met de openbare orde. De verbodenverklaring houdt in dat de aanwezigheid van de Bandidos in Nederland, in welke verschijningsvorm ook, wordt beëindigd. De verbodenverklaring en ontbinding van BMC Holland strekken zich niet uit over de lokale Nederlandse afdelingen (chapters) van de Bandidos motorclub. Het hof heeft in casu blijk gegeven van een te beperkte uitleg van voormeld bestanddeel door te oordelen dat de enkele gedraging van het op de openbare weg dragen van kleding van lokale, op zichzelf niet verboden, Bandidos chapters, onvoldoende is om aangemerkt te kunnen worden als een gedraging die ten dienste staat aan de voortzetting van de werkzaamheid van de verboden organisatie BMC Holland.