Einde inhoudsopgave
Belang zonder aandeel en aandeel zonder belang (VDHI nr. 144) 2017/4.5.2
4.5.2 Positief of negatief belang
mr. G.P. Oosterhoff, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. G.P. Oosterhoff
- JCDI
JCDI:ADS345560:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Een positief belang hebben de certificaathouder, de vruchtgebruiker, de pandhouder, de koper onder een termijncontract, de koper van een call optie, de schrijver van een put optie, de houder van de long side van een aandelenswap, de koper van een CFD, de uitlener onder securities lending en de verkoper bij een repo. Een negatief belang hebben de verkoper onder een termijncontract (indien hij short ging), de schrijver van een call optie, de koper van een put optie, de houder van de short side (interest leg) van een aandelenswap, de verkoper van een CFD, de inlener onder securities lending (indien hij short gaat) en de koper bij een repo (indien hij short gaat). Met name combinaties van opties (zie paragraaf 2.3.2b) kunnen gecompliceerde situaties opleveren. De aandeelhouder die een collar realiseert, heeft een positief economisch belang bij zijn aandelen, maar dat belang wordt begrensd door de uitoefenprijzen van de opties. Bij andere combinaties is het mogelijk dat de houder zowel een positief als een negatief belang heeft, zoals bij long straddles waar de houder een belang heeft bij een zo groot mogelijke verandering van de koers, hetzij naar boven hetzij naar beneden.
Zie naar aanleiding van de Telus/Mason-zaak: H.T.C. Hu, Financial innovation and governance mechanisms: the evolution of decoupling and transparency, the Business Lawyer, Spring 2015, p. 375-381 (available at https://ssrn.com/abstract=2588052).
In paragraaf 2.1.1 is uiteengezet dat een synthetisch (economisch) belang positief of negatief kan zijn; het kan in waarde stijgen of juist dalen bij een waardestijging van de aandelen. Doorgaans is eenvoudig vast te stellen of het (netto) economische belang van een synthetische belanghouder positief of negatief is.1 Lastiger is het wanneer (positieve en/of negatieve) belangen in verschillende soorten aandelen van de vennootschap worden gecombineerd. Een economische analyse moet dan uitkomst bieden.2
Uit de hiervoor besproken regelgeving en jurisprudentie blijkt dat voor het verlenen van aandeelhoudersrechten aan certificaathouders relevant was dat zij het positieve belang bij het aandeel hebben. Zij zijn immers de verschaffers van risicodragend kapitaal. Op basis van dezelfde gedachte heeft de Hoge Raad bij de vraag aan wie enquêtebevoegdheid toekomt, geoordeeld dat de partij wiens belang op één lijn kan worden gesteld met het belang van een aandeelhouder, enquêtebevoegd is. Ook daar is het houden van een positief belang vereist. De meldingsplichten zien op zowel positieve als negatieve belangen in aandelen. Transparantie is ter zake van beide relevant, ook om het netto economische belang te kunnen bepalen. Voor positieve en voor negatieve belangen gelden echter verschillende regimes met eigen criteria en drempels. Het voorgaande duidt erop dat de positieve of negatieve aard van het belang een relevant kenmerk is bij het aanbrengen van structuur in synthetische (economische) belangen.