Accountantsaansprakelijkheid
Einde inhoudsopgave
Accountantsaansprakelijkheid (R&P nr. CA20) 2019/4.4.1:4.4.1 Algemeen
Accountantsaansprakelijkheid (R&P nr. CA20) 2019/4.4.1
4.4.1 Algemeen
Documentgegevens:
mr. J.E. Brink-van der Meer, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. J.E. Brink-van der Meer
- JCDI
JCDI:ADS300556:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Algemeen
Juridische beroepen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Werkgroep toekomst accountantsberoep (2014), p. 36.
Verordening op de beroepseed voor accountants d.d. 17 mei 2016, vindplaats www.nba.nl.
Soeharno (2013), p. 5 en 6.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals in paragraaf 4.1 opgemerkt, dient de accountant te voldoen aan de volgende zorgverplichtingen, teneinde te handelen als een redelijk handelende en redelijk bekwame extern controlerende accountant (de zorgplicht);
Zorgverplichting 1: Deskundigheid.
Zorgverplichting 2: Inzet van deskundigheid.
De accountant voert de wettelijke controle bedoeld in artikel 2:393 BW uit met inzet van die deskundigheid.
Zorgverplichting 3: Informatie- en waarschuwingsplicht.
Alle omstandigheden uit de omstandighedencatalogus van het Vie d’Or arrest komen terug in deze definitie van zorgplicht in combinatie met de relevante deelvragen of een verbintenis tot schadevergoeding is ontstaan (zoals besproken in hoofdstuk 3). Teneinde dit te verduidelijken, heb ik een ‘transponeringstabel’ opgenomen waarin ik de omstandigheden uit het Vie d’Or arrest transponeer naar mijn invulling van de zorgplicht van de accountant.
Omstandighedencatalogus Vie d’Or
Zorgplicht van de accountant in combinatie met deelvragen
(i) correcte naleving nationale of Europese (dwingende) voorschriften omtrent de vervulling van de taak van de accountant
Deelvraag 1- Is er sprake van een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis of is er sprake van een onrechtmatige daad?
Zorgverplichting 2 - inzet van deskundigheid, inhoudende dat de accountant de wettelijke controle bedoeld in artikel 2:393 BW uitvoert.
(ii) aard van de geschonden norm
Deelvraag 1- Is er sprake van een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis of is er sprake van een onrechtmatige daad?
Zorgverplichting 2 - inzet van deskundigheid, inhoudende dat de accountant de wettelijke controle bedoeld in artikel 2:393 BW uitvoert.
(iii) ernst van de geconstateerde schending van de geschonden norm
Deelvraag 3 - Is er sprake van schade?
(iv) door de accountant getroffen maatregelen of verschafte informatie
Deelvraag 1- Is er sprake van een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis of is er sprake van een onrechtmatige daad?
Zorgverplichting 3 - Informatie- en waarschuwingsplicht.
(v) voorzienbaarheid van het gevaar van schade door de accountant
Deelvraag 1- Is er sprake van een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis of is er sprake van een onrechtmatige daad?
of Deelvraag 4 - Bestaat er een causaal verband tussen de tekortkoming dan wel onrechtmatige daad en de schade?
(vi) genomen(controle)maatregelen en gegeven waarschuwingen
Deelvraag 1- Is er sprake van een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis of is er sprake van een onrechtmatige daad?
Zorgverplichting 3 - Informatie- en waarschuwingsplicht.
In deze tabel komt deelvraag 2 (kan de tekortkoming dan wel onrechtmatige daad worden toegerekend aan de aangesproken accountant(sorganisatie)) niet aan de orde. Een tekortkoming dan wel onrechtmatige daad kan aan de accountant(sorganisatie) worden toegerekend indien zij is terug te voeren op zijn schuld of indien de tekortkoming of onrechtmatige daad krachtens wet, rechtshandeling of verkeersopvattingen voor rekening van de accountant(sorganisatie) komt (artikel 6:75BW en 6:162 lid 3 BW). Toerekening maakt geen onderdeel uit van de omstandighedencatalogus in het Vie d’Or arrest, mogelijk omdat de Hoge Raad toerekening in casu evident achtte. In paragraaf 5.2 beantwoord ik deelvraag 2.
Bij het uitoefenen van het beroep van accountant spelen, net als bij de advocaat en notaris, de beroepsorganisatie, het tuchtrecht en de beroepseed een grote rol. Met betrekking tot de beroepsorganisatie, de NBA, verwijs ik naar paragraaf 2.4.3. Het tuchtrecht wordt uitvoerig besproken in paragraaf 2.4.4.
Beroepseed
Tot 2016 bestond er geen verplichting voor de accountant om een beroepseed af te leggen alvorens hij zijn wettelijke taak kon uitvoeren. Zulks in tegenstelling tot de andere in hoofdstuk 3 besproken gereglementeerde beroepsbeoefenaars. Op de algemene ledenvergadering van de NBA van 17 mei 2016 hebben NBA- leden vóór de invoering van een accountantseed gestemd. De eed is de eerste maatregel uit het verbeterplan ‘In het Publiek Belang’ van de werkgroep Toekomst Accountantsberoep.1 De verplichting om de beroepseed af te leggen is vastgelegd in de Verordening op de beroepseed voor accountants.2 De verordening is op 1 juni 2016 in werking getreden. Het afleggen van de beroepseed betreft een voorwaarde voor nieuwe accountants om tot de accountantsberoepsgroep toegelaten te worden.
De eed luidt:
‘Ik ben mij ervan bewust dat ik als accountant dien te handelen in het algemeen belang. Ik oefen mijn beroep uit met een professioneel-kritische instelling. In de uitoefening van mijn beroep als accountant laat ik mij leiden door fundamentele beginselen van integriteit, objectiviteit, vakbekwaamheid en zorgvuldigheid en vertrouwelijkheid. Ik houd mij aan de wetten en regelgeving die op mijn beroep van toepassing zijn. Mijn professionaliteit brengt met zich mee dat ik geen handelingen verricht waarvan ik weet of behoor te weten dat die het accountantsberoep in diskrediet kunnen brengen. Zo waarlijk helpe mij God almachtig/dat beloof/dat verklaar ik.’
Uiterlijk 1 mei 2017 dienden alle ingeschreven accountants de eed te hebben afgelegd. Een accountant die weigert de beroepseed af te leggen kan een tuchtrechtelijke maatregel worden opgelegd door de Accountantskamer. Doorhaling van de inschrijving in het accountantsregister is in dit verband de meest vergaande maatregel.
Sancties ten aanzien van het schenden van de eed zien niet op schending van de eed als zodanig, maar op schending van de onderliggende verplichtingen,3 zoals vastgelegd in wet- en regelgeving en gesanctioneerd door tuchtrecht.