NJB 2007, 2042
HR, 02-10-2007, nr. 02227/06
HR 02-10-2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3625
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
2 oktober 2007
- Magistraten
Mrs. Corstens, Balkema, Van Dorst, De Savornin Lohman en Ilsink
- Zaaknummer
02227/06
- Conclusie
wnd. A-G Bleichrodt
- LJN
BA3625
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Internationaal strafrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2007:BA3625, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 02‑10‑2007
ECLI:NL:PHR:2007:BA3625, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 02‑10‑2007
Beroepschrift, Hoge Raad, 22‑12‑2006
- Wetingang
EVRM art. 6 lid 3 onder c
Essentie
Aanwezigheidsrecht. De weigering van de verdachte om geruime tijd eerder dan hem was meegedeeld vanuit een Huis van Bewaring op transport naar het hof te worden gesteld, betekent niet zonder meer dat hij vrijwillig afstand heeft gedaan van zijn aanwezigheidsrecht.
Uitspraak
Hoge Raad, onder meer:
3.1
Het middel klaagt onder meer dat het Hof art. 6, derde lid onder c, EVRM heeft geschonden door, ondanks een nadrukkelijke mededeling van de raadsman dat de verdachte bij de behandeling van zijn zaak aanwezig wilde zijn, te oordelen dat de verdachte afstand heeft gedaan van zijn aanwezigheidsrecht en de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.