Belang zonder aandeel en aandeel zonder belang
Einde inhoudsopgave
Belang zonder aandeel en aandeel zonder belang (VDHI nr. 144) 2017/5.1:5.1 Inleiding
Belang zonder aandeel en aandeel zonder belang (VDHI nr. 144) 2017/5.1
5.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. G.P. Oosterhoff, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. G.P. Oosterhoff
- JCDI
JCDI:ADS348014:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In hoofdstuk 4 zijn kenmerken onderscheiden die kunnen dienen als hulpmiddel bij de vraag aan welke criteria synthetische (economische) belangen moeten voldoen om daar eventueel vennootschapsrechtelijke rechten en verplichtingen aan te kunnen verbinden. Het vaststellen van die criteria is nuttig voor de beantwoording van de vraag in hoeverre het mogelijk is synthetische belangen meer in te bedden in het vennootschapsrecht. Dit hoofdstuk 5 gaat over het verbinden van besluitvormingsrechten aan synthetische belangen in aandelen. Onder besluitvormingsrechten versta ik hier het recht een algemene vergadering bijeen te roepen, het recht onderwerpen te agenderen, het recht aan de vergadering deel te nemen, het recht daarin te stemmen en het recht op grond van artikel 2:15 BW besluiten aan te tasten. Deze rechten zijn verbonden aan de juridische gerechtigdheid tot aandelen.
De algemene vergadering is een orgaan van de vennootschap waaraan belangrijke bevoegdheden toekomen. Die bevoegdheden liggen op het terrein van leiding en toezicht (benoeming van bestuurders en commissarissen voor zover niet anders is voorzien in de statuten en tenzij sprake is van een structuurvennootschap); de statutaire inrichting; de jaarrekening; ontbinding, omzetting, fusie en splitsing; ingrijpende bestuursbesluiten; en informatie.1 De algemene vergadering vormt niet de hoogste macht binnen de vennootschap; zij moet binnen de grenzen van haar wettelijke bevoegdheden (dan wel restbevoegdheden) blijven. Gelet op haar bevoegdheden ten aanzien van de samenstelling van het bestuur wordt wel gezegd dat de algemene vergadering wel de uiteindelijke macht binnen de vennootschap heeft.2 De algemene vergadering is zowel een orgaan van de vennootschap als een bijeenkomst van de vergadergerechtigden. De wet bepaalt wie een algemene vergadering bijeen mag roepen, wie onderwerpen mag agenderen, wie aanwezig mag zijn en het woord mag voeren en wie mag stemmen. Wanneer de algemene vergadering tot een besluit komt, mogen de door de wet aangewezen personen dat besluit trachten aan te tasten, net zoals zij dat ten aanzien van een besluit van het bestuur mogen. Bij de toekenning van deze besluitvormingsrechten wordt vooral aangeknoopt bij het houden van aandelen en, voor sommige rechten, bij het houden van certificaten die met medewerking van de vennootschap zijn uitgegeven of (bij de BV) waaraan de statuten vergaderrecht verbinden.
De achtergrond van de vraag in hoeverre besluitvormingsrechten kunnen worden verbonden aan synthetische belangen in aandelen is nog steeds de mogelijkheid van inbedding van die belangen in het vennootschapsrecht. De vraag is tweeledig: of (i) aan houders van synthetische (economische) belangen besluitvormingsrechten toekomen; en (ii) aan de aandeelhouder zonder (of met beperkt) economisch belang of met netto negatief belang desalniettemin (volledig) besluitvormingsrechten toekomen. Ten slotte is van belang in hoeverre de toepassing van besluitvormingsrechten impact heeft op het controversiële gebruik van synthetische belangen.