BNB 2023/137
Hof had beroep op vertrouwensbeginsel moeten behandelen, nu dit niet uitdrukkelijk en ondubbelzinnig is ingetrokken
HR 08-09-2023, ECLI:NL:HR:2023:1168
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 september 2023
- Magistraten
Mrs. Van Eijsden, Feteris, Faase
- Zaaknummer
21/01598
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Inkomstenbelasting / Winst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1168, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑09‑2023
Beroepschrift, Hoge Raad, 08‑09‑2023
- Wetingang
Awb; procesorde
Essentie
Hof had beroep op vertrouwensbeginsel moeten behandelen, nu dit niet uitdrukkelijk en ondubbelzinnig is ingetrokken
Samenvatting
Belanghebbende verleent financiële (advies)diensten. Ondanks dat hij beschikt over een Verklaring arbeidsrelatie-winst uit onderneming, heeft de Inspecteur de voordelen uit deze werkzaamheden aangemerkt als resultaat uit overige werkzaamheden. De Rechtbank oordeelde dat sprake is van winst uit onderneming en kwam daardoor niet toe aan het beroep van belanghebbende op het vertrouwensbeginsel. In zijn verweerschrift in hoger beroep heeft belanghebbende zijn beroep op het vertrouwensbeginsel niet herhaald en tijdens het onderzoek ter zitting bij het Hof hebben belanghebbende en de Inspecteur verklaard dat hun ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.