JWB 2015/334
Bopz; voorwaardelijke machtiging, voorlopige machtiging, onderscheid
HR 02-10-2015, ECLI:NL:HR:2015:2915
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
2 oktober 2015
- Zaaknummer
15/02910
- Vakgebied(en)
Gezondheidsrecht / Algemeen
Openbare orde en veiligheid / Bijzondere onderwerpen
Personen- en familierecht / Bescherming meerderjarige
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2015:2915, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 02‑10‑2015
ECLI:NL:PHR:2015:2016, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 29‑07‑2015
Beroepschrift, Hoge Raad, 29‑06‑2015
- Wetingang
Essentie
Bopz; voorwaardelijke machtiging, voorlopige machtiging, onderscheid
Samenvatting
Casus
De officier van justitie heeft de Rechtbank verzocht een voorlopige machtiging te verlenen tot opneming van betrokkene in een zwakzinnigeninrichting. Bij tussenbeschikking heeft de Rechtbank de behandeling van de zaak voor de duur van een maand aangehouden om te bezien of het ‘latent’ gevaar met intensieve ondersteuning en begeleiding van het ACT-team, kon worden afgewend. Bij eindbeschikking heeft de Rechtbank een voorlopige machtiging verleend om betrokkene in een zwakzinnigeninrichting te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van maximaal zes maanden.
Namens betrokkene is cassatieberoep ingesteld. Onder ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.