Einde inhoudsopgave
RvdW 1995, 152
HR, 30-06-1995, nr. 15663
HR 30-06-1995, ECLI:NL:HR:1995:ZC1775
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
30 juni 1995
- Magistraten
Martens, Roelvink, Korthals Altes, Neleman, Nieuwenhuis
- Zaaknummer
15663
- LJN
ZC1775
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1995:ZC1775, Uitspraak, Hoge Raad, 30‑06‑1995
- Wetingang
art. 1191 BW (oud); art. 1192a BW (oud); art. 1462 BW (oud)
Essentie
Recht van reclame na doorverkoop. Verrekening tussen eerste en tweede koper.
Samenvatting
Aan art. 1192a lid 2 ligt ten grondslag dat, voor zover dit redelijkerwijs mogelijk is, moet worden voorkomen dat de opbrengst van roerende goederen, welke zonder tijdsbepaling zijn verkocht, aan derden ten goede komt, zolang de oorspronkelijke verkoper niet is gekweten. Ter bereiking van dit doel verplicht het artikel degene die de goederen — te goeder trouw — heeft gekocht, om, indien de oorspronkelijke verkoper dit binnen 30 dagen na de oorspronkelijke aflevering vordert, de koopprijs, voor zover alsdan nog door hem verschuldigd, tot het beloop ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.