WR 2025/98
Huur woonruimte: overlast; ontbinding, maar geen ontruiming; aanwezigheid drugs in woning rechtvaardigt wel ontbinding, maar in dit geval geen ontruiming
Rb. Zeeland-West-Brabant 02-04-2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:2701
- Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum
2 april 2025
- Magistraten
Mr. E.K. van der Lende-Mulder Smit
- Zaaknummer
11300248 CV EXPL 24-3005
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD24977:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Huurrecht / Algemeen
Huurrecht / Huur van woonruimte
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBZWB:2025:2701, Uitspraak, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 02‑04‑2025
- Wetingang
Art. 6:265 en 7:231 BW; art. 3 IVRK
Essentie
Huur woonruimte: overlast; ontbinding, maar geen ontruiming; aanwezigheid drugs in woning rechtvaardigt wel ontbinding, maar in dit geval geen ontruiming
Samenvatting
Nadat in het gehuurde grote hoeveelheden drugs zijn aangetroffen, vordert verhuurder (tegen de bewindvoerder) ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde. Ontbinding wordt toegewezen, maar de ontruiming slechts voorwaardelijk i.v.m. begeleiding en hulpverleningstraject huurders en belang bij veilige en stabiele leefomgeving minderjarig kind.
Partij(en)
STICHTING ALWEL,
te Roosendaal,
eisende partij,
hierna te noemen: Alwel,
gemachtigde: [gemachtigde] , Stichting Alwel,
tegen
- 1.
[bewindvoerder] IN ZIJN/HAAR HOEDANIGHEID VAN BEWINDVOERDER UITOEFENENDE HET BEWIND OVER DE GOEDEREN ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.