De kwijtscheldingswinstvrijstelling is een fiscale faciliteit die moet voorkomen dat een financiële herstructurering (lees: schuldenverlichting door schuldeisers) fiscaal wordt gefrustreerd.
In dit thema wordt antwoord gegeven op de volgende vragen.
•
Voor welke kwijtscheldingen werkt de kwijtscheldingswinstvrijstelling?
•
Welke problematiek wordt voorkomen door de kwijtscheldingswinstvrijstelling?
•
Hoe werkt de kwijtscheldingswinstvrijstelling in de inkomstenbelasting?
•
Welke antimisbruikwetgeving kent de kwijtscheldingswinstvrijstelling in de inkomstenbelasting?
•
Hoe werkt de kwijtscheldingswinstvrijstelling in de vennootschapsbelasting?
•
Welke antimisbruikwetgeving kent de kwijtscheldingswinstvrijstelling in de vennootschapsbelasting?
•
Welke problemen worden opgelost in de aanpassing van de kwijtscheldingswinstvrijstelling in vennootschapsbelasting 1 januari 2025?
Soorten kwijtscheldingen en gevolgen
Fiscaal bezien kennen we de zakelijke en de onzakelijke kwijtschelding. Een onzakelijke kwijtschelding vindt plaats tussen gelieerde partijen en speelt zich af in de kapitaal- of privésfeer. Een onzakelijke kwijtschelding leidt fiscaal niet tot belastbare winst.
Ter illustratie
Een directeur-grootaandeelhouder scheldt een vordering van € 100.000 kwijt op een BV waarin hij 100% van de aandelen heeft. De kwijtschelding geschiedt niet op zakelijke gronden, dat wil zeggen: een onafhankelijke derde zou nooit zijn overgegaan tot kwijtschelding. In dit geval vindt de kwijtschelding plaats in de kapitaalsfeer. Tegenover de vrijval van de schuld bij de BV staat een stijging van het vermogen van de BV in de vorm van informeel kapitaal. Er wordt geen winst gerealiseerd. De kwijtscheldingswinstvrijstelling hoeft geen soelaas te bieden.
Wanneer BV een schuld wordt kwijtgescholden door een onafhankelijke derde – bijvoorbeeld een bedrag van € 100.000 door een bank – zal sprake zijn van een zakelijke kwijtschelding. Er bestaat geen aandelenband tussen de bank en de BV/schuldenaar waaraan de kwijtschelding kan worden toegerekend. De schuld verdwijnt van de balans van de BV, hetgeen resulteert in een positieve bijdrage aan het resultaat van € 100.000 Dit betekent dat de BV belasting moete betalen over de kwijtschelding als er geen compensabele verliezen zijn (of bij beperking van verliesverrekening).
Kennisgroepstandpunt Belastingdienst van 20 februari 2024, KG:213:2024:4, Samenloop kwijtscheldingswinstvrijstelling en renteaftrekbeperking
Kennisgroepstandpunt Belastingdienst van 8 augustus 2022 (gepubliceerd op 2 mei 2023, laatste update 9 mei 2023), KG:032:2022:7, Art. 15ac lid 2 eerste volzin Wet VPB 1969
R.J. de Vries, 'De kwijtscheldingswinstvrijstelling binnen concernverband: een fata morgana?', WFR 2002/1741
J.A.R. van Eijsden & Q.W.J.C.H. Kok, Afgewaardeerde vorderingen (FM nr. 124) 2007/1, Fiscale monografieën, nr. 124, Deventer: Kluwer 2007
A.C.P. Bobeldijk, 'Afgewaardeerde vorderingen in de vennootschapsbelasting', Fiscaal Wetenschappelijke Reeks, Den Haag: SDU 2009
A.C.P. Bobeldijk, 'De kwijtscheldingswinstvrijstelling en de samenloop met de fiscale eenheid', WFR 2009/1455
J.H.M. Arts, ‘De kwijtscheldingswinstvrijstelling in de vennootschapsbelasting vanaf 2022’, WFR 2022/153
F.P.H. van Hal MSc & M.H.C. Ruijschop, 'De interactiegevolgen van de duale kwijtscheldingswinstvrijstelling in de vennootschapsbelasting', WFR 2025/128
B.F.M. Coebergh & G.T.K. Meussen, 'Of en wanneer heeft de eigen insolvabiliteit invloed op de winstverantwoording bij schulden?', WFR 2025/252
Dr. Jeroen van Strien
Director en werkzaam bij Bureau Vaktechniek Tax RSM, universitair docent VU Amsterdam en Radboud Universiteit Nijmegen
Meer over Jeroen van Strien
De kwijtscheldingswinstvrijstelling is een fiscale faciliteit die moet voorkomen dat een financiële herstructurering (lees: schuldenverlichting door schuldeisers) fiscaal wordt gefrustreerd.
In dit thema wordt antwoord gegeven op de volgende vragen.
Voor welke kwijtscheldingen werkt de kwijtscheldingswinstvrijstelling?
Welke problematiek wordt voorkomen door de kwijtscheldingswinstvrijstelling?
Hoe werkt de kwijtscheldingswinstvrijstelling in de inkomstenbelasting?
Welke antimisbruikwetgeving kent de kwijtscheldingswinstvrijstelling in de inkomstenbelasting?
Hoe werkt de kwijtscheldingswinstvrijstelling in de vennootschapsbelasting?
Welke antimisbruikwetgeving kent de kwijtscheldingswinstvrijstelling in de vennootschapsbelasting?
Welke problemen worden opgelost in de aanpassing van de kwijtscheldingswinstvrijstelling in vennootschapsbelasting 1 januari 2025?
Soorten kwijtscheldingen en gevolgen
Fiscaal bezien kennen we de zakelijke en de onzakelijke kwijtschelding. Een onzakelijke kwijtschelding vindt plaats tussen gelieerde partijen en speelt zich af in de kapitaal- of privésfeer. Een onzakelijke kwijtschelding leidt fiscaal niet tot belastbare winst.
Ter illustratie
Een directeur-grootaandeelhouder scheldt een vordering van € 100.000 kwijt op een BV waarin hij 100% van de aandelen heeft. De kwijtschelding geschiedt niet op zakelijke gronden, dat wil zeggen: een onafhankelijke derde zou nooit zijn overgegaan tot kwijtschelding. In dit geval vindt de kwijtschelding plaats in de kapitaalsfeer. Tegenover de vrijval van de schuld bij de BV staat een stijging van het vermogen van de BV in de vorm van informeel kapitaal. Er wordt geen winst gerealiseerd. De kwijtscheldingswinstvrijstelling hoeft geen soelaas te bieden.
Wanneer BV een schuld wordt kwijtgescholden door een onafhankelijke derde – bijvoorbeeld een bedrag van € 100.000 door een bank – zal sprake zijn van een zakelijke kwijtschelding. Er bestaat geen aandelenband tussen de bank en de BV/schuldenaar waaraan de kwijtschelding kan worden toegerekend. De schuld verdwijnt van de balans van de BV, hetgeen resulteert in een positieve bijdrage aan het resultaat van € 100.000 Dit betekent dat de BV belasting moete betalen over de kwijtschelding als er geen compensabele verliezen zijn (of bij beperking van verliesverrekening).
Documenten bij dit thema
Wetgeving
Art. 3.13 lid 1 onderdeel a Wet IB 2001
Art. 3.98a Wet IB 2001
Art. 8 lid 1 sub a Wet VPB 1969
Art. 8 lid 4 Wet VPB 1969
Art. 8 lid 16 Wet VPB 1969
Art. 13ba Wet VPB 1969
Art. 15ac lid 2 Wet VPB 1969
Art. 15b Wet VPB 1969
Art. 20 Wet VPB 1969
Kennisgroepstandpunt Belastingdienst van 20 februari 2024, KG:213:2024:4, Samenloop kwijtscheldingswinstvrijstelling en renteaftrekbeperking
Kennisgroepstandpunt Belastingdienst van 8 augustus 2022 (gepubliceerd op 2 mei 2023, laatste update 9 mei 2023), KG:032:2022:7, Art. 15ac lid 2 eerste volzin Wet VPB 1969
Kennisgroepstandpunt Belastingdienst van 17 juli 2025, KG:213:2025:7 Kwijtscheldingswinstvrijstelling en toeslagenaffaire, V-N 2025/37.3
Kennisgroepstandpunt Belastingdienst van 19 november 2025, KG:213:2025:11, Kwalificatie negatieve kapitaalrekening personenvennootschap, V-N 2025/55.4
Belangrijkste uitspraken
Hoge Raad 23 november 1977, 18 170, ECLI:NL:PHR:1977:AX3127, BNB 1978/5
Hoge Raad 14 oktober 1992, 28 064, ECLI:NL:HR:1992:ZC5122, BNB 1992/392, V-N 1992/3314, 12, WFR 1995/592, FED 1992/809, FED 1992/912
Hoge Raad 28 oktober 1992, 27 839, ECLI:NL:HR:1992:ZC5148, BNB 1993/37, BNB 1993/206, V-N 1992/3591,15, V-N 1992/3655, 11, WFR 1992/1625, 2, FED 1992/854, FED 1993/122
Hoge Raad 5 april 1995, 29 940, ECLI:NL:HR:1995:AA1600, BNB 1995/219, V-N 1995/1518, 7, WFR 1995/592, FED 1995/324, FED 1995/612
Hoge Raad 7 december 2001, 36 854, ECLI:NL:HR:2001:AD6783, BNB 2002/46, V-N 2002/2.8, WFR 2001/1869, 1, FED 2001/692, FED 2002/81, Ondernemingsrecht 2002, 13
Hoge Raad 12 augustus 2005, 40 896, ECLI:NL:HR:2005:AU089, BNB 2005/352
Rechtbank Noord-Nederland 29 januari 2026, 24/3806, ECLI:NL:RBNNE:2026:261, V-N 2026/16.17.6, V-N Vandaag 2026/309
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 9 februari 2026, BRE 24/8454, ECLI:NL:RBZWB:2026:969, V-N Vandaag 2026/348
Rechtbank Den Haag 10 februari 2026, 24 3762, ECLI:NL:RBDHA:2026:3556, V-N Vandaag 2026/555
Literatuur
R.J. de Vries, 'De kwijtscheldingswinstvrijstelling binnen concernverband: een fata morgana?', WFR 2002/1741
J.A.R. van Eijsden & Q.W.J.C.H. Kok, Afgewaardeerde vorderingen (FM nr. 124) 2007/1, Fiscale monografieën, nr. 124, Deventer: Kluwer 2007
A.C.P. Bobeldijk, 'Afgewaardeerde vorderingen in de vennootschapsbelasting', Fiscaal Wetenschappelijke Reeks, Den Haag: SDU 2009
A.C.P. Bobeldijk, 'De kwijtscheldingswinstvrijstelling en de samenloop met de fiscale eenheid', WFR 2009/1455
J.H.M. Arts, ‘De kwijtscheldingswinstvrijstelling in de vennootschapsbelasting vanaf 2022’, WFR 2022/153
F.P.H. van Hal MSc & M.H.C. Ruijschop, 'De interactiegevolgen van de duale kwijtscheldingswinstvrijstelling in de vennootschapsbelasting', WFR 2025/128
B.F.M. Coebergh & G.T.K. Meussen, 'Of en wanneer heeft de eigen insolvabiliteit invloed op de winstverantwoording bij schulden?', WFR 2025/252
Naslag
Vakstudie Inkomstenbelasting, art. 3.13 Wet IB 2001, aant. 2
Vakstudie Inkomstenbelasting, art. 3.98a Wet IB 2001, aant. 1
Vakstudie Vennootschapsbelasting, art. 8 Wet VPB 1969, aant. 1
Vakstudie Vennootschapsbelasting, art. 13ba Wet VPB 1969, aant. 1
Vakstudie Vennootschapsbelasting, art. 15b Wet VPB 1969, aant. 1
Vakstudie Vennootschapsbelasting, art. 15ac Wet VPB 1969, aant. 1
Verwante onderwerpen
Thema: Aandachtspunten ten aanzien van (afgewaardeerde) vorderingen en de fiscale eenheid in de vennootschapsbelasting
Thema: De vervreemding, omzetting en kwijtschelding van afgewaardeerde vorderingen in de vennootschapsbelasting
Thema: Generieke renteaftrekbeperking in de vennootschapsbelasting
Thema: Verliesverrekening in de vennootschapsbelasting