Einde inhoudsopgave
Opiumwet
Artikel 10b [Strafbepaling. Lijst IA]
Geldend
Geldend vanaf 01-07-2025
- Bronpublicatie:
29-01-2025, Stb. 2025, 32 (uitgifte: 10-02-2025, kamerstukken: 36159)
- Inwerkingtreding
01-07-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
25-03-2025, Stb. 2025, 82 (uitgifte: 01-04-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Overige regelgevende instantie(s)
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Ministerie van Financiën
Ministerie van Verkeer en Waterstaat
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Opiumwet
Gezondheidsrecht / Bijzondere onderwerpen
1.
Hij die handelt in strijd met een in artikel 2a, eerste lid, gegeven verbod wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de derde categorie.
2.
Hij die opzettelijk handelt in strijd met een in artikel 2a, eerste lid, gegeven verbod wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vijfde categorie.
3.
Indien het opzettelijk handelen in strijd met het in de artikelen 2a, eerste lid, onderdelen A of C, en 3b, eerste lid, gegeven verbod betrekking heeft op een geringe hoeveelheid, bestemd voor eigen gebruik, wordt gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie opgelegd.