Einde inhoudsopgave
Invorderingswet 1990
Artikel 7c [Elektronisch berichtenverkeer]
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2026
- Bronpublicatie:
04-12-2025, Stb. 2025, 431 (uitgifte: 12-12-2025, kamerstukken: 36735)
10-05-2023, Stb. 2023, 183 (uitgifte: 07-06-2023, kamerstukken: 35261)
- Inwerkingtreding
01-01-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
04-12-2025, Stb. 2025, 431 (uitgifte: 12-12-2025, kamerstukken: 36735)
22-10-2024, Stb. 2024, 321 (uitgifte: 05-11-2024, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Overige regelgevende instantie(s)
Ministerie van Justitie
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Invordering (V)
1.
In afwijking van de artikelen 2:7, tweede lid, en 2:8 van de Algemene wet bestuursrecht wordt in het verkeer tussen belastingschuldigen of aansprakelijk gestelden en de directeur, de ontvanger of de belastingdeurwaarder een bericht uitsluitend elektronisch verzonden.
2.
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop het elektronische berichtenverkeer plaatsvindt.
3.
Bij ministeriële regeling kunnen berichten en groepen van belastingschuldigen of aansprakelijk gestelden worden aangewezen waarvoor, alsmede omstandigheden worden aangewezen waaronder, het berichtenverkeer kan plaatsvinden anders dan langs elektronische weg.