Einde inhoudsopgave
Wet coördinatie terrorismebestrijding en nationale veiligheid
Artikel 2 Coördinatietaak
Geldend
Geldend vanaf 04-06-2025
- Bronpublicatie:
06-12-2023, Stb. 2023, 454 (uitgifte: 12-12-2023, kamerstukken: 35958)
- Inwerkingtreding
04-06-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
28-05-2025, Stb. 2025, 148 (uitgifte: 03-06-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Privacy / Verwerking persoonsgegevens
Openbare orde en veiligheid / Terrorismebestrijding
1.
Onverminderd de taken en bevoegdheden van betrokken overheidsorganisaties op grond van de op hen toepasselijke wetgeving, coördineert Onze Minister de samenhang en effectiviteit van het beleid en de door overheidsorganisaties te nemen maatregelen in het kader van terrorismebestrijding en de bescherming van de nationale veiligheid, met het oog op het verhogen van de weerbaarheid tegen dreigingen en risico’s, het beschermen van de nationale veiligheidsbelangen en het voorkomen van maatschappelijke ontwrichting.
2.
De in het eerste lid bedoelde taak ziet op:
- a.
het bevorderen van de samenwerking tussen betrokken overheidsorganisaties en maatschappelijke organisaties;
- b.
het bevorderen van de informatiedeling tussen betrokken overheidsorganisaties voor zover dit noodzakelijk is met het oog op het treffen van maatregelen naar aanleiding van een concrete gebeurtenis;
- c.
het bevorderen van de samenhang en effectiviteit van het in het eerste lid bedoelde beleid en het evalueren van dit beleid, met name naar aanleiding van de concrete toepassing van het beleid en genomen maatregelen in de praktijk en, indien de evaluatie daartoe aanleiding geeft, het op basis daarvan in samenwerking met betrokken overheidsorganisaties ontwikkelen van voorstellen voor verbetering.
3.
In verband met de taak, bedoeld in het eerste lid, kan Onze Minister trends en fenomenen signaleren, analyseren en duiden. In dat kader wordt geen onderzoek gedaan gericht op personen, of organisaties.