Voorstel van wet tot vaststelling van het nieuwe Wetboek van Strafvordering (Wetboek van Strafvordering)
Einde inhoudsopgave
Voorstel van wet tot vaststelling van het nieuwe Wetboek van Strafvordering (Wetboek van Strafvordering):artikel 2.7.24
Voorstel van wet tot vaststelling van het nieuwe Wetboek van Strafvordering (Wetboek van Strafvordering)
Artikel 2.7.24
Geldend
Documentgegevens:
Geldend vanaf 01-04-2025
- Redactionele toelichting
Tekst op basis van wetsvoorstel.
- Bronpublicatie:
01-04-2025, Kamerstukken 2025, 36327 (uitgifte: 01-04-2025, kamerstukken: 36327-C)
- Inwerkingtreding
01-04-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
01-04-2025, Kamerstukken 2025, 36327 (uitgifte: 01-04-2025, kamerstukken: 36327-C)
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht (V)
1.
De officier van justitie draagt zorg voor een voortvarende afhandeling van het beslag op voorwerpen overeenkomstig de bepalingen van deze afdeling.
2.
Inbeslaggenomen voorwerpen die sporen van het strafbare feit dragen, worden in de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen gevallen en voor de daarin bepaalde duur, niet teruggegeven, vervreemd of vernietigd.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.