Einde inhoudsopgave
Landsverordening Constitutioneel Hof [Sint Maarten]
Artikel 17
Geldend
Geldend vanaf 10-10-2010
- Bronpublicatie:
20-12-2010, Afkondigingsblad van Sint Maarten 2010, GT 29 (uitgifte: 20-12-2010, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
10-10-2010
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
23-09-2010, Stb. 2010, 387 (uitgifte: 01-10-2010, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Afhankelijke geldigheid
Treedt krachtens art. II van de Staatsregeling van Sint Maarten tegelijk in werking met art. I en II van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen (07-09-2010, Stb. 333).
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Algemeen
1.
Een zaak kan uitsluitend aanhangig worden gemaakt door een schriftelijk verzoek van de Ombudsman aan het Constitutioneel Hof wegens onverenigbaarheid met de Staatsregeling, binnen zes weken na bekrachtiging en voor inwerkingtreding van een wettelijke regeling, als bedoeld in artikel 81, onder g, met uitzondering van eenvormige landsverordeningen, h, i en j, van de Staatsregeling, tenzij sprake is van een spoedeisend belang. In dat geval is de Ombudsman niet ontvankelijk.
2.
Van een spoedeisend belang als bedoeld in het eerste lid, is slechts sprake in geval van:
- a.
zwaarwegende private of publieke nadelen bij vertraging;
- b.
spoed- of noodregelgeving;
- c.
reparatieregelgeving of;
- d.
internationale regelgeving.
3.
Het verzoekschrift is gemotiveerd en bevat de gronden voor de onverenigbaarheid van de wettelijke regeling met de Staatsregeling. Tevens vermeldt de Ombudsman welke beslissing hij wenst. Dit kan zijn gehele of gedeeltelijke vernietiging van de wettelijke regeling.