BNB 1995/49
HR, 07-12-1994, nr. 30075
HR 07-12-1994, ECLI:NL:HR:1994:AA3010, m.nt. Van Dijck
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 december 1994
- Magistraten
Stoffer; Urlings; Zuurmond; Herrmann; Fleers
- Zaaknummer
30075
- Noot
Van Dijck
- LJN
AA3010
- JCDI
JCDI:ADS887327:1
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1994:AA3010, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑12‑1994
- Wetingang
Fraus legis; art. 24 Wet IB 1964; art. 1:251 BW
Samenvatting
Kasgeldconstructie. Toepassing van HR BNB 1994/ 251*. Onder ouderlijk vruchtgenot valt niet het voordeel voor de minderjarige aandeelhouder, bestaande in een door koopovereenkomst bewerkstelligde onttrekking aan het vermogen van de vennootschap
Vader en twee respectievelijk in 1963 en 1967 geboren zonen hielden in 1983 ieder 32% van de aandelen in een beheermaatschappij die op 8 augustus 1983 haar driehonderd aandelen in de werkmaatschappij aan de vader en diens beide zonen verkocht voor f 30 000, de nominale waarde. Het door hen te zamen daarmee behaalde voordeel van f 470 000 vormde een als inkomsten uit vermogen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.