FED 1996/626
Procedure tot faillietverklaring. In de onderhavige burgerlijke zaak in de zin van art. 6, eerste lid, EVRM had de betrokkene moeten kunnen reageren op de voor hem ongunstige conclusie van het Openbaar Ministerie.
EHRM 20-02-1996, ECLI:CE:ECHR:1996:0220JUD001907591, m.nt. M.W.C. Feteris
- Instantie
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
- Datum
20 februari 1996
- Magistraten
Ryssdal; Bernhardt; Gölcüklü; Matscher; Pettiti; Walsh; Macdonald; Russo; Palm; Foighel; Pekkanen; Loizou; Morenilla; Freeland; Baka; Lopes Rocha; Jungwiert; Kuris; Compernolle, van
- Zaaknummer
19075/91
- Noot
M.W.C. Feteris
- LJN
BI9507
- JCDI
JCDI:ADS225831:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Belastingrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:CE:ECHR:1996:0220JUD001907591, Uitspraak, Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 20‑02‑1996
- Wetingang
Art. 6, eerste lid, EVRM; art. 24 Wet ARB
Essentie
Procedure tot faillietverklaring. In de onderhavige burgerlijke zaak in de zin van art. 6, eerste lid, EVRM had de betrokkene moeten kunnen reageren op de voor hem ongunstige conclusie van het Openbaar Ministerie.
Uitspraak
As to the law
I. Alleged violation of article 6 § 1 of the convention
27. Mr. Vermeulen alleged a breach of Article 6 § 1 of the Convention, which provides:
'In the determination of his civil rights and obligations ..., everyone is entitled to a fair ... hearing ... by an ... impartial tribunal ...'
He complained, firstly, that he had not ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.