FED 1999/599
HR, 22-09-1999, nr. 34 783
HR 22-09-1999, ECLI:NL:HR:1999:AA2864
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
22 september 1999
- Zaaknummer
34 783
- LJN
AA2864
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Fiscaal procesrecht (V)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1999:AA2864, Uitspraak, Hoge Raad, 22‑09‑1999
- Wetingang
Art. 18b, derde lid, Wet ARB
Uitspraak
Gronden van beroep konden in casu uit beroepschrift worden afgeleid. Niet-ontvankelijk verklaring onterecht.
In geschil is of belanghebbende, X, terecht door de voorzitter niet-ontvankelijk is verklaard in zijn beroep.
Op het beroep in cassatie van X overweegt de Hoge Raad: Het beroepschrift laat geen andere uitleg toe dan dat X daarin de klacht heeft aangevoerd dat de Belastingdienst stukken heeft achtergehouden althans met de inhoud daarvan geen rekening heeft gehouden, alsmede een klacht inzake onverbindendheid van wettelijke regels waarop de aanslag steunt, een en ander uitmondend in de conclusie dat de aanslag en de uitspraak van de inspecteur moeten ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.