AB 2018/131
Omgevingsvergunning milieu. Inrichting . Eén inrichting.
RvS 10-01-2018, ECLI:NL:RVS:2018:42, m.nt. V.M.Y. van ’t Lam
- Instantie
Raad van State
- Datum
10 januari 2018
- Magistraten
Mrs. H.G. Lubberdink, H. Bolt, F.D. van Heijningen
- Zaaknummer
201607883/1/A1
- Noot
V.M.Y. van ’t Lam
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS928626:1
- Vakgebied(en)
Omgevingsrecht / Omgevingsvergunning
Omgevingsrecht / Handhaving
Milieurecht / Inrichtingen en activiteiten - algemene regels
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2018:42, Uitspraak, Raad van State, 10‑01‑2018
- Wetingang
Art. 2.1 lid 1 onder e Wabo; art. 1.1 lid 1 en 4 Wm
Essentie
450 woningen vormen niet één inrichting. Geen gezamenlijke exploitatie.
Samenvatting
De rechtbank heeft voor de beoordeling wat in dit geval (de omvang van) de inrichting is terecht slechts van belang geacht of wordt voldaan aan de definitie van het begrip inrichting uit art. 1.1 Wm. De door het college gevreesde gevolgen van het niet als één inrichting aanmerken van het hele park, zoals het in de tuin van de woningen op het park begraven van vuilnis, zijn voor deze beoordeling niet relevant.
Feitelijk gaat het om een wijk met 450 woningen, alle in particuliere eigendom en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.