JWB 2016/309
Vordering
HR 02-09-2016, ECLI:NL:HR:2016:2013
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
2 september 2016
- Zaaknummer
14/06023
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2016:2013, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 02‑09‑2016
ECLI:NL:HR:2016:1434, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 08‑07‑2016
ECLI:NL:PHR:2016:56, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 12‑02‑2016
- Wetingang
Art. 32 Rv
Essentie
Vordering
Samenvatting
Casus
Volgens verzoeker heeft het hof ten onrechte niet beslist op een vordering tot veroordeling van betaling. Bij brief van 18 juli 2016 heeft de advocaat van verzoeker de Hoge Raad op grond van artikel 32 Rv verzocht het arrest aan te vullen. De Hoge Raad zou hebben verzuimd te beslissen op de door verzoeker in zijn verzoekschrift tot cassatie ingestelde. De advocaat van verzoeker heeft de Hoge Raad verzocht deze terugbetalingsvordering alsnog te behandelen en toe te wijzen.
Rechtsvraag
Kan en dient de Hoge Raad het arrest van het hof aan te vullen? ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.