Prg. 2023/181
Schending art. 6 EVRM. Elke partij heeft bij een rechterswisseling het recht om een extra mondelinge behandeling te vragen ten overstaan van de rechter die de uitspraak wijst.
HR 02-06-2023, ECLI:NL:HR:2023:826
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 juni 2023
- Magistraten
Mrs. C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, K. Teuben
- Zaaknummer
22/03870
- Conclusie
A-G mr. E.M. Wesseling-van Gent
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS705199:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Europees burgerlijk procesrecht
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:826, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑06‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:395, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 31‑03‑2023
- Wetingang
Essentie
Procesrecht. Dient rechterswisseling tussen twee mondelinge behandelingen kenbaar te worden gemaakt?
Ja. Elk van bij mondelinge behandeling verschenen partijen mag nadere mondelinge behandeling verzoeken ten overstaan van rechters die uitspraak zullen doen.
Samenvatting
Op 8 maart 2022 heeft de moeder een verzoek tot wraking van de drie raadsheren ingediend, hetgeen is afgewezen. De mondelinge behandeling is op 21 juni 2022 voortgezet, ter zake waarvan uit het proces-verbaal blijkt dat één raadsheer is vervangen. Uiteindelijk is de eindbeschikking door deze en de twee niet vervangen raadsheren gewezen. Het middel klaagt onder meer dat het hof het onmiddellijkheidsbeginsel ex art. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.