NJF 2022/197
Ontvankelijkheid. Voeging. Ontvankelijkheidsverweer van de gevoegde partij bij een vordering in een collectieve actie.
Rb. Den Haag 09-02-2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:1747
- Instantie
Rechtbank Den Haag
- Datum
9 februari 2022
- Magistraten
Mrs. I.A.M. Kroft, R.C. Hartendorp, A.M. Boogers
- Zaaknummer
C/09/601427 / HA ZA 20-1029
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBDHA:2022:8623, Uitspraak, Rechtbank Den Haag, 31‑08‑2022
ECLI:NL:RBDHA:2022:2823, Uitspraak, Rechtbank Den Haag, 30‑03‑2022
ECLI:NL:RBDHA:2022:1747, Uitspraak, Rechtbank Den Haag, 09‑02‑2022
- Wetingang
Art. 3:305a BW; art. 217, 1018c Rv
Essentie
Ontvankelijkheid. Voeging. Ontvankelijkheidsverweer van de gevoegde partij bij een vordering in een collectieve actie.
Samenvatting
Eiseres stelt een vordering in een collectieve actie in tegen de Staat. Zij vordert dat de Regeling werkzaamheden derden CBS en de Beleidsregel taakuitoefening CBS onverbindend worden verklaard. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft zich aan de zijde van de Staat gevoegd en voert een ontvankelijkheidsverweer. De rechtbank oordeelt dat zij vrij is om de argumenten van het CBS te betrekken in haar beoordeling van de ontvankelijkheid van eiseres. In dit verband is van belang dat de rechter ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.