Belastingblad 2025/169
Het ontbreken van een tweepersoonstarief schendt het gelijkheidsbeginsel niet. Doelmatigheid vormt nog steeds een voldoende rechtvaardiging, ondanks de geautomatiseerde toegang tot de basisregistratie personen.
HR 21-03-2025, ECLI:NL:HR:2025:416, m.nt. A.P. Monsma
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
21 maart 2025
- Magistraten
Mrs. J.A.R. van Eijsden, M.W.C. Feteris, M.T. Boerlage, A.E.H. van der Voort Maarschalk, W.A.P. van Roij
- Zaaknummer
24/01095
- Noot
A.P. Monsma
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD8258:1
- Vakgebied(en)
Belastingen van lagere overheden / Waterschapsbelastingen
Europees belastingrecht / Discriminatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:416, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑03‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 21‑03‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1235, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 15‑11‑2024
Essentie
Het ontbreken van een tweepersoonstarief schendt het gelijkheidsbeginsel niet. Doelmatigheid vormt nog steeds een voldoende rechtvaardiging, ondanks de geautomatiseerde toegang tot de basisregistratie personen.
Uitspraak
Arrest
in de zaak van
[X] (hierna: belanghebbende)
tegen
het DAGELIJKS BESTUUR VAN DE GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING GBLT
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 6 februari 2024, nr. BK-ARN 23/11651., op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Overijssel (nr. ZWO 22/1236) betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2022 opgelegde aanslag in de zuiveringsheffing.
1. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.