AB 2020/302
Vertrouwensbeginsel. Stap 3: gerechtvaardigd vertrouwen. Belangenafweging en schadevergoeding bij afwijzing van een wijzigingsplan. Dispositievereiste.
RvS 01-04-2020, ECLI:NL:RVS:2020:953, m.nt. T. Groot
- Instantie
Raad van State
- Datum
1 april 2020
- Magistraten
Mrs. R. Uylenburg, F.C.M.A. Michiels, P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Zaaknummer
201903802/1/R1
- Noot
T. Groot
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS226638:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2020:953, Uitspraak, Raad van State, 01‑04‑2020
- Wetingang
Essentie
Vertrouwensbeginsel. Stap 3: gerechtvaardigd vertrouwen. Belangenafweging en schadevergoeding bij afwijzing van een wijzigingsplan. Dispositievereiste.
Samenvatting
Dat sprake is van gerechtvaardigde verwachtingen betekent niet dat daaraan altijd moet worden voldaan. Zwaarder wegende belangen, zoals het algemeen belang of de belangen van derden, kunnen daaraan in de weg staan. Bij deze belangenafweging kan ook een rol spelen of de betrokkene op basis van de gewekte verwachtingen handelingen heeft verricht of nagelaten als gevolg waarvan hij schade heeft geleden of nadeel heeft ondervonden.
De Afdeling merkt in dit verband op dat de wijzigingsbevoegdheid is geschrapt wegens een zwaarwegend ruimtelijk belang, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.