NJB 2025/2758
Prejudiciële vragen. Ontruiming van een huurwoning waarin kinderen wonen. Hoge Raad: 1. Beoordelingskader. Bij de beoordeling of de tekortkoming van de huurder ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigt, komt een hoge prioriteit toe aan de belangen van kinderen die in het gehuurde wonen. Een gerede kans dat een kind dakloos wordt of gescheiden van zijn ouders zal raken brengt niet altijd mee dat een vordering tot ontruiming moet worden afgewezen. De mate van verwijtbaarheid van het gedrag van de huurder weegt mee, maar relativeert niet het gewicht van de belangen van de kinderen. De rechter dient rekenschap af te leggen van de gemaakte afweging. 2. Onderzoeksplicht. De rechter dient zo nodig ambtshalve te onderzoeken of de gevorderde ontruiming ook kinderen zal treffen en wat in de gegeven omstandigheden in hun belang is. De rechter zal zo nodig gebruik kunnen maken van zijn instructiebevoegdheid. Indien blijkt dat de beoogde ontruiming ook kinderen zal treffen, zal de rechter partijen dienen te vragen naar de mogelijkheden van alternatieve huisvesting. Het behoort niet tot de taak van de rechter om zich buiten de mondelinge behandeling om te wenden tot de gemeente of hulpverleningsinstanties. 3. Alternatieve huisvesting. De rechter kan aan de veroordeling tot ontruiming de modaliteiten verbinden die hij geraden acht, bijvoorbeeld een lange ontruimingstermijn. De voorwaarde dat is voorzien in adequate opvang voor de kinderen is denkbaar.
HR 28-11-2025, ECLI:NL:HR:2025:1799
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 november 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide, G.C. Makkink
- Zaaknummer
24/04220
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
Verbintenissenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1799, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑11‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:728, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 27‑06‑2025
- Wetingang
Essentie
Prejudiciële vragen. Ontruiming van een huurwoning waarin kinderen wonen. Hoge Raad: 1. Beoordelingskader. Bij de beoordeling of de tekortkoming van de huurder ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigt, komt een hoge prioriteit toe aan de belangen van kinderen die in het gehuurde wonen. Een gerede kans dat een kind dakloos wordt of gescheiden van zijn ouders zal raken brengt niet altijd mee dat een vordering tot ontruiming moet worden afgewezen. De mate van verwijtbaarheid van het gedrag van de huurder weegt mee, maar relativeert niet het gewicht van de belangen van de kinderen. De rechter dient rekenschap af te leggen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.