V-N Vandaag 2018/2384
Bij verdeling portefeuille met onroerende zaken volgens A-G geen sprake van verdeling gemeenschap
HR (A-G) 18-10-2018, ECLI:NL:PHR:2018:1174
- Instantie
Hoge Raad (Advocaat-Generaal)
- Datum
18 oktober 2018
- Zaaknummer
18/01216
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Gemeenschap
Belastingen van rechtsverkeer / Overdrachtsbelasting
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2018:2399, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑12‑2018
ECLI:NL:PHR:2018:1174, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 18‑10‑2018
- Wetingang
Essentie
Advocaat-generaal Wattel concludeert dat er slechts een gemeenschap aanwezig is wanneer een of meer goederen toebehoren aan twee of meer deelgenoten gezamenlijk. Nu X bv exclusief gerechtigd was tot haar aandelen in C bv en D bv, is er geen gemeenschap en dus ook geen verdeling.
Samenvatting
Q, Y en Z, drie leden van de C-familie, houden, via hun holdings, onroerend goed aan in Nederland en België. Het onroerend goed is ondergebracht in twee vennootschappen: C bv en D bv. Beide vennootschappen kwalificeren als fictieve onroerende zaken in de zin van art. 4 lid 1 onderdeel ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.