JWB 2010/334
Faillissementsrecht
HR 03-09-2010, ECLI:NL:HR:2010:BM7149
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
3 september 2010
- Zaaknummer
10/01759
- LJN
BM7149
- Vakgebied(en)
Juridische beroepen / Rechter
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2010:BM7149, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 03‑09‑2010
ECLI:NL:PHR:2010:BM7149, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 01‑06‑2010
- Wetingang
Art. 81 RO
Essentie
Faillissementsrecht
Samenvatting
Casus
Hof en rechtbank wijzen het verzoek tot schuldsanering af. Volgens hen zou onvoldoende aannemelijk zijn geworden dat verzoekster te goeder trouw is geweest ten aanzien van het ontstaan en/of onbetaald laten van een belangrijk deel van haar schulden (art. 288 lid 1 aanhef en onder b, Fw).
Rechtsvraag
Is de schuldsanering terecht afgewezen?
Beslissing
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.