NJ 1939/495
Het Extra-Rood-Contract In de baksteen-Industrie. Arbitrale uitspraak. Vordering tot nietigverklaring der arbitrale uitspraak op grond dat 1°. de wederpartij niet op wettige wijze was vertegenwoordigd bij de onderteekening van de akte van compromis, 2°. de overeenkomst, waaruit ls geageerd, wegens strijd met de goede zeden nietig is.
HR 17-06-1938, ECLI:NL:HR:1938:125, m.nt. Prof. Mr. Paul Scholten
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 juni 1938
- Magistraten
Mrs. Jhr. Feith, van Gelein Vitringa, Kirberger, Nypels, Meckmann
- Zaaknummer
[17061938/NJ_1939-495]
- Conclusie
Mr. Wijnveldt
- Noot
Prof. Mr. Paul Scholten
- JCDI
JCDI:ADS130907:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Verbintenissenrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1938:125, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑06‑1938
- Wetingang
Essentie
Het Extra-Rood-Contract In de baksteen-Industrie. Arbitrale uitspraak. Vordering tot nietigverklaring der arbitrale uitspraak op grond dat 1°. de wederpartij niet op wettige wijze was vertegenwoordigd bij de onderteekening van de akte van compromis, 2°. de overeenkomst, waaruit ls geageerd, wegens strijd met de goede zeden nietig is.
Samenvatting
Aan den eisch van art. 623 Rv., dat de akte van compromis door de partijen geteekend moet worden, is ook voldaan, indien zij door een derde, optredende namens een dier partijen, is onderteekend.
De omstandigheid dat verweerster daarbij niet door statutair bevoegde organen was vertegenwoordigd, kan eischeres niet baten, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.