TRA 2019/9
De Baijingsleer naar oud en nieuw recht
HR 26-10-2018, ECLI:NL:HR:2018:1986, m.nt. Mr. dr. M.S.A. Vegter
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
26 oktober 2018
- Zaaknummer
17/04242
- Noot
Mr. dr. M.S.A. Vegter
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS253296:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2018:1986, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 26‑10‑2018
ECLI:NL:PHR:2018:924, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 03‑08‑2018
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑07‑2018
- Wetingang
Art. 7:611 en 6:248 BW; art. 7:685 BW (oud)
Essentie
De Baijingsleer naar oud en nieuw recht
Uitspraak
Feiten en procesverloop
De werknemer is op 4 april 1984 bij de werkgever in dienst getreden en werkte laatstelijk als operator. Op 26 november 2014 heeft de werkgever de werknemer op staande voet ontslagen omdat hij een door hem te controleren verpakking van een doos met eierpoeder, waarin een gat zat, ‘door heeft laten gaan’ en op een pallet heeft gezet, in plaats van hem te verwijderen zoals had gemoeten. Uit camerabeelden zou blijken dat de werknemer het gat gezien had. De kantonrechter heeft geoordeeld dat het ontslag nietig is en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.