BA 2018/102
Spoedeisende bestuursdwang, bekladding van wegdek bij touretappe, vrijheid van meningsuiting maakt niet dat B&W hadden moeten afzien van handhavend optreden
RvS 07-03-2018, ECLI:NL:RVS:2018:785
- Instantie
Raad van State
- Datum
7 maart 2018
- Zaaknummer
201702522/1/A3
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Verkeersrecht / Handhaving verkeersvoorschriften
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Staatsrecht / Decentralisatie
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2018:785, Uitspraak, Raad van State, 07‑03‑2018
- Wetingang
Art. 5:1 lid 1 en 2, 5:23, 5:25 lid 1, 2 en 6, 5:31 en 7:11 lid 1 Algemene wet bestuursrecht (Awb); art. 19 Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR); art. 10 Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM); art. 7 lid 3 Grondwet; art. 2:10 lid 1 en 2:42 lid 1 Algemene plaatselijke verordening Capelle aan den IJssel 2013
Essentie
Spoedeisende bestuursdwang, bekladding van wegdek bij touretappe, vrijheid van meningsuiting maakt niet dat B&W hadden moeten afzien van handhavend optreden
Samenvatting
Naar algemeen taalgebruik valt onder het bekladden van de weg ook het met verf aanbrengen van meningsuitingen op het wegdek. Bekladding is derhalve niet beperkt tot gevallen waarin geen mening wordt geuit. Het college [van B&W] heeft zich op goede gronden op het standpunt gesteld dat met het aanbrengen van de teksten op de weg in strijd met art. 2:10 Apv is gehandeld. Overtreder is degene die het [relevante] wettelijke voorschrift daadwerkelijk heeft geschonden. Dat is in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.