Rb. Zeeland-West-Brabant, 07-05-2026, nr. 02-004180-98
ECLI:NL:RBZWB:2026:3811
- Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum
07-05-2026
- Zaaknummer
02-004180-98
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:RBZWB:2026:3811, Uitspraak, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 07‑05‑2026; (Op tegenspraak)
ECLI:NL:RBZWB:2024:2680, Uitspraak, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 23‑04‑2024; (Op tegenspraak)
Uitspraak 07‑05‑2026
Inhoudsindicatie
Verlenging tbs met verpleging met 1 jaar
Partij(en)
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
Strafrecht
Zittingsplaats: Breda
Parketnummer: 02-004180-98
Beslissing van de meervoudige kamer van 7 mei 2026 met betrekking tot de terbeschikkingstelling van:
[betrokkene] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1971,
verblijvende bij [de instelling] (hierna: de instelling),
[adres]
hierna: betrokkene,
raadsman mr. F.J. Koningsveld, advocaat te Breda.
1. Inleiding
Bij vonnis van de meervoudige kamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van
24 augustus 1998 is [betrokkene] veroordeeld voor het opzettelijk onttrekken van een minderjarige aan het wettig over haar gestelde gezag, terwijl die minderjarige beneden de twaalf jaren oud is, verkrachting (meermalen gepleegd) en het plegen van handelingen met iemand beneden de twaalf jaar, die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, tot een gevangenisstraf van drie jaar met aftrek van voorarrest en oplegging van de maatregel tot terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege (hierna tbs).
De rechtbank constateert dat het hier gaat om een misdrijf als bedoeld in artikel 38e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.
De tbs is op 4 mei 2000 aangevangen en laatstelijk bij beslissing van 23 april 2024 verlengd met een termijn van twee jaar.
2. Procesverloop
De rechtbank heeft op 17 maart 2026 van het Openbaar Ministerie een vordering ontvangen tot verlenging van de tbs. De vereiste stukken zijn bijgevoegd, dan wel toegezonden.
De vordering is op de openbare terechtzitting van 23 april 2026 behandeld. De officier van justitie mr. P.W.P. Emmen is gehoord. Tevens is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsman. Voorts is als deskundige gehoord
[hoofd behandeling en GZ-psycholoog] bij de instelling.
3. Adviezen
3.1.
Advies instelling
De instelling heeft in het rapport van 26 februari 2026 geadviseerd de tbs te verlengen met twee jaar. De instelling heeft daartoe het volgende overwogen.
Betrokkene is gediagnosticeerd met een pedofiele stoornis van het niet-exclusieve type, een borderline persoonlijkheidsstoornis, een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis en een beperkte neurocognitieve stoornis (met gedragsstoornissen). Hij werd in 2019 opgenomen in [de instelling] en verhuisde uiteindelijk naar een woning van [organisatie] . Hij bouwde beschermende structuren op en was goed in het contact met het behandelingsteam. De medicatie voor agressieregulatie werd in overleg met de psychiater afgebouwd. Echter werd betrokkene eind 2025 en begin 2026 tweemaal kort na elkaar terug in de instelling opgenomen, toen hij onvrede ervoer over gemaakte afspraken omtrent een datingapp. Toen hij hierop werd aangesproken, reageerde hij boos en weigerde hier een gesprek over te voeren. Hierop werd besloten betrokkene voor een time-out naar de instelling te halen, om de medicatie opnieuw op te bouwen, zijn signalenplan bij te werken en nieuwe afspraken te maken over het daten. Enkele weken later werd besloten pas op de plaats te maken en te focussen op het nemen van rust, het bevorderen van de emotionele stabiliteit en het herstellen van de samenwerking met het behandelteam. Ten tijde van het opstellen van het rapport verbleef betrokkene enkele weken in [de instelling] , waar hij wederom en in hogere frequentie therapie gaat volgen, zijn medicatie wordt geoptimaliseerd en hij meer contactmomenten krijgt. Wanneer betrokkene beter in de samenwerking is, zijn emoties in de hand heeft en zich houdt aan de gemaakte afspraken, wordt beoogd hem terug naar zijn woning te laten verhuizen. De komende periode zal gefocust worden op het versterken van de samenwerkingsrelatie en het bevorderen van de copingvaardigheden en zelfcontrole van betrokkene. De geboden begeleiding, het toezicht en de medicatie zijn nog altijd noodzakelijk ter voorkoming van een terugval in (seksueel) gewelddadig gedrag. Het ligt niet in de lijn der verwachting dat er binnen één jaar verantwoord toegewerkt kan worden naar een voorwaardelijke beëindiging van de tbs-maatregel. Wel wordt nog steeds gekoerst op proefverlof, maar het behandelteam schat in dat dit proces meer dan één jaar zal bestrijken. Het risico op een terugval in (seksueel) gewelddadig gedrag wordt bij het spontaan wegvallen van de tbs ingeschat op matig tot hoog, met name op de langere termijn.
Ter zitting heeft deskundige [hoofd behandeling en GZ-psycholoog] daaraan nog het volgende toegevoegd.
Aanvankelijk ging het heel goed en was het de bedoeling te adviseren de maatregel met één jaar te verlengen, maar uiteindelijk is besloten om dit bij te stellen tot twee jaar. Betrokkene heeft meermaals niet tijdig om hulp gevraagd en niet laten zien waar hij mee bezig was met betrekking tot het daten. Na de terugplaatsing heeft betrokkene hard aan zichzelf gewerkt, wat maakt dat er weer vooruit kan worden gekeken. Wanneer betrokkene terug gaat naar zijn woning moet hij weer laten zien dat hij het kan zonder 24-uursbegeleiding. Er is twee jaar nodig om te kijken hoe dat gaat. Wel is al contact gelegd met de reclassering, omdat betrokkene langer de tijd nodig heeft om te wennen aan andere personen en organisaties.
3.2.
Adviezen externe gedragsdeskundigen
Advies psychiater
Uit het rapport van [psychiater] van 11 januari 2026 blijkt dat bij betrokkene sprake is van een pedofiele stoornis, niet exclusieve type, een ongespecificeerde neurobiologische ontwikkelingsstoornis en een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met borderline kenmerken. Er is sprake van een laag recidiverisico bij het voortzetten van de huidige maatregel. Bij het beëindigen van de maatregel wordt de kans op recidive als hoog ingeschat. Het toezicht kan inmiddels overgaan naar de reclassering in de vorm van proefverlof. In een proefverlofkader kan betrokkene wennen aan de reclassering en tegelijkertijd de huidige beschermende factoren behouden. Gezien het lange en moeizame traject wordt het wenselijk geacht om geleidelijke stappen te zetten, zodat de kans op succes optimaal kan worden vormgegeven. Tijdens het proefverlof kan de reclassering beoordelen of het kader met dezelfde voorwaarden over kan gaan naar een voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging.De psychiater adviseert de tbs met een jaar te verlengen.
Advies psycholoog
Uit het rapport van [psycholoog] van 17 december 2025 blijkt dat bij betrokkene sprake is van complexe psychiatrische problematiek die geclassificeerd kan worden als een pedofiele stoornis van het niet-exclusieve type, een beperkte neurocognitieve stoornis door multipele oorzaken, een non-verbale leerstoornis, trekken van autisme spectrumstoornis en
een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met borderline en antisociale trekken en multipele fysieke problemen. Zonder het kader van de tbs-maatregel wordt het risico op seksueel geweld ingeschat als matig tot hoog. Binnen de huidige maatregel wordt het risico op seksueel gewelddadig gedrag als laag ingeschat. De psycholoog acht geïndiceerd de tbs-maatregel met verpleging van overheidswege met één jaar te verlengen. Binnen dat jaar kan proefverlof aangevraagd worden. Op basis van het functioneren in deze setting kan worden beoordeeld wanneer en hoe een voorwaardelijke beëindiging op verantwoorde wijze mogelijk is.
De psycholoog adviseert de tbs met een jaar te verlengen.
4. Standpunten
4.1.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft ter zitting de vordering aangepast in die zin dat de tbs verlengd moet worden met slechts één jaar. Het is onduidelijk of sprake is geweest van een incidentele misstap en daarom is het belangrijk om na een jaar weer bij elkaar te komen om te kijken hoe het traject van betrokkene het komende jaar dan is verlopen.
4.2.
Het standpunt van de verdediging
Betrokkene en de raadsman hebben verlenging van de tbs bepleit met één jaar. Verlenging met een jaar in plaats van twee jaar geeft betrokkene erkenning voor de geboekte vooruitgang, motivatie om zijn best te blijven doen en zorgt voor een extra toetsingsmoment en dit is voor deze betrokkene van groot belang.
5. Beoordeling
De tbs kan slechts worden verlengd indien de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de tbs eist. Het recidivegevaar moet nog aanwezig zijn en moet voortvloeien uit een ziekelijke stoornis en/of een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Gelet op de adviezen van de tbs-instelling en de externe gedragsdeskundigen wordt nog steeds voldaan aan dit wettelijke criterium. Het recidiverisico is op termijn hoog als de zorg, het toezicht en de begeleiding door de instelling zouden wegvallen.
De rechtbank stelt vast dat in korte tijd veel is gebeurd. Het transmuraal traject verliep goed, tot er eind december 2025 en begin 2026 incidenten plaatsvonden waardoor tweemaal een time-out met terugplaatsing naar de kliniek nodig was. Een pas op de plaats en een hogere frequentie van therapie bleken nodig om de situatie van betrokkene te stabiliseren. Nadien heeft betrokkene weer stappen in de goede richting gezet en wordt er door de kliniek gekeken naar een geleidelijke opbouw van vrijheden en terugkeer naar de eigen woning. Waar de externe gedragsdeskundigen, die niet op de hoogte waren van deze ontwikkelingen, tot een advies tot verlenging van de maatregel met een jaar komen, komt de tbs-instelling gelet op hetgeen nadien is voorgevallen tot een advies tot verlenging met twee jaar.
De rechtbank overweegt dat als uitgangspunt geldt dat de tbs verlengd moet worden met een termijn van twee jaar wanneer aannemelijk is geworden dat de behandeling en resocialisatie van de terbeschikkinggestelde in het bestaande juridische kader meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging van de tbs met een termijn van één jaar. Duidelijk is dat er in het geval van betrokkene nog veel stappen moeten worden gezet. Betrokkene zal weer terugkeren naar zijn eigen woning in het kader van transmuraal verlof en er zal nog een nieuwe therapie worden opgestart. Daarna zal proefverlof nog moeten worden opgestart. Toch ziet de rechtbank in dit geval aanleiding om van voornoemd uitgangspunt van verlenging met twee jaar af te wijken. Na een lang en aanvankelijk moeizaam traject zijn er de laatste jaren door betrokkene grote stappen gezet en stond men op het punt om tot proefverlof over te gaan. Door de ontwikkelingen eind 2025 en begin 2026 is een en ander gestagneerd. Gelet op deze voorgeschiedenis acht de rechtbank het van belang te kunnen monitoren wat de stand van zaken over een jaar is, zodat dan kan worden bezien of sprake is geweest van een eenmalige terugval en betrokkene zich heeft herpakt of dat zich toch opnieuw problemen of bijzonderheden hebben voorgedaan. De rechtbank acht een verlenging met één jaar nu aangewezen, zodat volgend jaar de situatie opnieuw kan worden beoordeeld.
Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat de tbs met verpleging van overheidswege van betrokkene moet worden verlengd met één jaar.
6. Beslissing
De rechtbank:
verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege van betrokkene met een (1) jaar.
Deze beslissing is genomen door mr. M.E.I. Beudeker, voorzitter, en
mr. E.G.F. Vliegenberg en mr. P.K.J. van der Wal, rechters, in tegenwoordigheid van
J.H. Cornelissen, griffier en is uitgesproken ter openbare zitting op 7 mei 2026.
De griffier is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.
Uitspraak 23‑04‑2024
Inhoudsindicatie
Verlenging tbs met twee jaar.
Partij(en)
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Strafrecht
Zittingsplaats: Breda
Parketnummer: 02/004180-98
beslissing van de meervoudige kamer d.d. 23 april 2024
op de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling van
[betrokkene]
geboren op [geboortedag] 1971 te [geboorteplaats]
verblijvende bij de [tbs-instelling] te [plaats]
[betrokkene] wordt hierna aangeduid als betrokkene.
1. De stukken
Het dossier bevat onder meer de volgende stukken:
- de vordering van de officier van justitie ingekomen op 29 februari 2024, die strekt tot verlenging van de terbeschikkingstelling (hierna tbs) met twee jaar;
- de aantekeningen omtrent de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van betrokkene van
2 november 2022 tot en met 16 november 2023;
- het verlengingsadvies van de [tbs-instelling] (hierna tbs-instelling) van
26 februari 2024.
2. De procesgang
Bij vonnis van de meervoudige kamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van
24 augustus 1998 is [betrokkene] veroordeeld voor het opzettelijk onttrekken van een minderjarige aan het wettig over haar gestelde gezag, terwijl die minderjarige beneden de twaalf jaren oud is, verkrachting (meermalen gepleegd) en het plegen van handelingen met iemand beneden de twaalf jaar, die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam
tot een gevangenisstraf van drie jaar met aftrek van voor arrest en tbs met verpleging van overheidswege.
De rechtbank constateert dat het hier gaat om een misdrijf als bedoeld in artikel 38e, eerste
lid, van het Wetboek van Strafrecht.
De tbs is op 4 mei 2000 aangevangen en laatstelijk verlengd bij beslissing van 6 mei 2022 voor een termijn van twee jaar.
Tijdens het onderzoek ter openbare terechtzitting van de rechtbank van 9 april 2024 is de officier van justitie mr. P.W.P. Emmen gehoord. Tevens is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsman mr. F.J. Koningsveld, advocaat te Breda.
Voorts is de deskundige [GZ-psycholoog] en hoofd behandeling bij de tbs-instelling, gehoord.
3. Het advies van de tbs-instelling
De tbs-instelling heeft geadviseerd de tbs te verlengen met twee jaar en heeft daartoe aangevoerd dat betrokkene is gediagnosticeerd met pedofilie van het niet-exclusieve type, een borderline persoonlijkheidsstoornis, trekken van een antisociale persoonlijkheids-stoornis en een beperkte neurocognitieve stoornis (met gedragsstoornissen).
In het voorjaar van 2022 wordt een medicatiewijziging doorgevoerd. De spanningsregulatie van betrokkene verbetert waardoor impulsdoorbraken uitblijven: hij maakt zijn spanningen beter bespreekbaar, vraagt om hulp indien nodig en accepteert begrenzing vanuit het behandelteam. Hij toont motivatie en inzet voor zijn traject, is medicatietrouw en er is sprake van een aanzienlijk verbeterde verstandhouding met het behandelteam. Er is geen sprake meer van heimelijk en onbetrouwbaar gedrag.
Ondertussen breidt betrokkene zijn verlofmogelijkheden en dagprogramma uit. Zo onderneemt hij inmiddels onbegeleid verlof en werkt hij buiten de tbs-instelling op een sociale werkplaats.
Tegelijk maakt hij bij tijden ook een afgevlakte indruk. Hij geeft op zulke momenten aan dat hij zich zorgen maakt over het perspectief dat hem geboden wordt. Hij is van mening dat dit de laatste kans is die hij krijgt (voordat er een longstay-aanvraag ingediend zal worden) en wil het graag goed doen.
In het voorjaar van 2023 wordt ingezet op het toewerken naar transmuraal verlof. Betrokkene wordt aangemeld bij het transmurale behandelingsteam van [zorgorganisatie] en beoogd wordt hem op termijn te verhuizen naar een woonvoorziening van [ggz-instelling] . De concretisering van zijn verdere traject zorgt voor spanningen bij betrokkene, welke hij vervolgens goed in gesprek brengt met het behandelteam. Wanneer de aanvraag transmuraal verlof tweemaal wordt aangehouden door het Adviescollege Verloftoetsing TBS (AVT), lukt het betrokkene niet voldoende om zijn programma vast te houden en in contact te blijven met het behandelteam. Hij geeft aan tijdelijk in een separeerkamer te willen verblijven. Hier wordt hem (voor twee dagen) meer structuur en nabijheid geboden waarop hij weer bijdraait in het contact en zijn programma hervat.
Hoewel er een gestage ontwikkeling is in de bewerking van de dynamische risicofactoren, wordt niet verwacht dat binnen één jaar kan worden toegewerkt naar een voorwaardelijke beëindiging van de tbs-maatregel of proefverlof. Daarnaast zijn de geboden begeleiding, het toezicht en de medicatie (antipsychotica) die betrokkene neemt nog altijd noodzakelijk ter voorkoming van een terugval in (seksueel) gewelddadig gedrag. Het risico op een terugval in (seksueel) gewelddadig gedrag wordt bij het spontaan wegvallen van de tbs ingeschat op matig tot hoog.
Ter zitting heeft deskundige [GZ-psycholoog] daaraan toegevoegd dat de nieuwe medicatie ervoor zorgt dat de scherpe randen eraf zijn waarvoor de impulsdoorbraken beter onder controle zijn.
Inmiddels is betrokkene verhuisd in verband met het transmurale verlof. Gezien is dat de verhuizing naar transmuraal betrokkene veel moeite heeft gekost en dat betrokkene intensieve begeleiding daarbij nodig heeft. Er zal tijdens de transmurale fase nog veel tijd nodig zijn om beschermende structuren voor betrokkene verder vorm te geven. Mede gelet op het verleden wordt verwacht dat het transmurale verlof een proces van teleurstellingen en de draad weer oppakken zal zijn. Dit maakt dat de behandeling nog meer dan een jaar in beslag zal nemen.
4. Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft ter zitting gepersisteerd bij de vordering de tbs met twee jaar te verlengen. Aan de wettelijke vereisten daarvoor is voldaan. Zo is er nog steeds sprake van een stoornis en een matig tot hoog recidiverisico wanneer de tbs-maatregel zou worden beëindigd. Er is geen reden om af te wijken van het advies strekkende tot een verlenging met twee jaar. Ondanks de goede inzet van betrokkene is het niet reëel dat binnen één jaar een voorwaardelijke beëindiging aan de orde is.
5. Het standpunt van de verdediging
Betrokkene heeft ter zitting verklaard dat hij vindt dat hij zichzelf goed staande heeft gehouden ondanks de tegenslagen tijdens de verlofaanvragen. Hij woont sinds 29 maart 2024 transmuraal bij [ggz-instelling] . Betrokkene wil in de toekomst dat de tbs wordt beëindigd en dat hij begeleid gaat wonen bij [ggz-instelling] . Hij vindt dat hij beloond zou moeten worden voor de positieve ontwikkelingen met een verlenging van één jaar.
De verdediging heeft betoogd dat de tbs met één jaar moet worden verlengd, zodat betrokkene volgend jaar met de reclassering aan de slag kan voor de voorwaardelijke beëindiging.
6. Het oordeel van de rechtbank
De tbs kan slechts worden verlengd indien de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de tbs eist. Het recidivegevaar moet nog aanwezig zijn en dient voort te vloeien uit een ziekelijke stoornis en/of een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Gelet op het advies van de tbs-instelling wordt nog steeds voldaan aan dit wettelijke criterium.
De vraag die vervolgens voorligt, is of de tbs-maatregel met verpleging van overheidswege met één of twee jaar moet worden verlengd. Uitgangspunt is dat wanneer aannemelijk is geworden dat de behandeling van de terbeschikkinggestelde meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging met één jaar, de tbs verlengd dient te worden met twee jaar, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden.
De rechtbank heeft oog voor de positieve ontwikkelingen van betrokkene tijdens de afgelopen periode waarbij hij motivatie en inzet toont, medicatietrouw is en een goede verstandhouding heeft met het behandelteam. De deskundige acht ondanks deze positieve ontwikkelingen een verlenging met twee jaar op zijn plaats. Gelet op de ervaringen uit het verleden en omdat de stappen die nog gezet moeten worden vermoedelijk gepaard gaan met teleurstelling en de draad weer oppakken, is het niet waarschijnlijk is dat dit traject binnen één jaar reeds is afgerond.
De rechtbank betrekt in haar overweging dat betrokkene zich in 2008 heeft onttrokken aan het toezicht vanuit zijn transmurale woonsituatie en zich tweemaal een dag heeft onttrokken aan het toezicht door niet naar zijn werk te gaan. Daarnaast verblijft betrokkene nog geen maand bij [ggz-instelling] . De stappen die nog genomen moeten worden zullen veel spanningen met zich meebrengen en daarbij is intensieve begeleiding noodzakelijk. De rechtbank acht het aannemelijk dat de te nemen stappen meer tijd in beslag zullen nemen dan één jaar. Van een bijzondere omstandigheid die maakt dat van het uitgangspunt moet worden afgeweken is niet gebleken. De tbs kan niet verlengd worden voor de duur van één jaar enkel voor de motivatie van betrokkene. De rechtbank hoopt dat hij zijn motivatie en positieve ontwikkeling doorzet zodat hij stappen naar meer vrijheden kan zetten.
Gelet op wat hierboven is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat de tbs met verpleging van overheidswege van betrokkene dient te worden verlengd met twee jaar.
7. De beslissing
De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege van [betrokkene] met twee jaar.
Deze beslissing is gegeven door mr. R.H.M. Pooyé, voorzitter, mr. M.M. Veldhuizen en
mr. R.J.H. van der Linden, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier mr. A. van Krevel en is uitgesproken ter openbare zitting op 23 april 2024.
Mr. Pooyé is niet in de gelegenheid deze beslissing mede te ondertekenen.