Einde inhoudsopgave
Belang zonder aandeel en aandeel zonder belang (VDHI nr. 144) 2017/2.5.3
2.5.3 Short selling
mr. G.P. Oosterhoff, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. G.P. Oosterhoff
- JCDI
JCDI:ADS348009:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
M. Peeters, Over short selling, Ars Aequi 2012, p. 190.
S.N. Neftci, Principles of financial engineering, second edition, Elsevier Academic Press 2008, p. 164, M. Peeters, Over short selling, Ars Aequi 2012, p. 190, 191, G.T.M.J. Raaijmakers, Synthetische aandelenbelangen in beursvennootschappen, in: G.T.M.J. Raaijmakers en R. Abma, Achter de schermen van beursaandeelhouders, Preadvies van de Vereeniging ‘Handelsrecht’, Deventer: Kluwer 2007, p. 12, 13, M. Kuilman en J.M. Poelgeest, De (tijdelijke) maatregelen tegen short selling in Nederland, Engeland en de Verenigde Staten, Onderneming & Financiering 2009, p. 41, 42 en J. Jorritsma, Europese maatregelen tegen short selling, Ondernemingsrecht 2012/ 106. Zie ook de uitvoerige definitie van ‘short transactie’ in artikel 2 lid 1 sub b van de Verordening betreffende short selling en bepaalde aspecten van kredietverzuimswaps (EU 236/2012).
M. Peeters, Over short selling, Ars Aequi 2012, p. 191, M. Kuilman en J.M. Poelgeest, De (tijdelijke) maatregelen tegen short selling in Nederland, Engeland en de Verenigde Staten, Onderneming & Financiering 2009, p. 42, J. Jorritsma, Europese maatregelen tegen short selling, Ondernemingsrecht 2012/106 en W.-G. Ringe, The deconstruction of equity – Activist shareholders, decoupled risk, and corporate governance, Oxford University Press 2016, p. 33, 34.
S.K. Henderson, Henderson on derivatives, LexisNexis 2010, p. 128.
Short selling, of een short sale, is geen derivaat. Het is ook geen specifieke overeenkomst maar veeleer een techniek en in die zin een bouwsteen voor het opbouwen van een synthetisch (negatief economisch) belang in een aandeel. Peeters omschrijft het als “een techniek om aandelen niet onder de activa op de balans te plaatsen (long), maar onder de passiva (short).”1 De verkoper verkoopt aandelen die hij niet zelf (volledig, onbeperkt, onvoorwaardelijk) bezit. De mogelijkheid deze techniek toe te passen wordt geschapen door securities lending en repo transacties.2 Dergelijke transacties verschaffen de inlener respectievelijk koper de beschikkingsbevoegdheid over de aandelen. Hij moet soortgelijke aandelen weliswaar op enig moment terugleveren aan de uitlener respectievelijk verkoper, maar de aandelen die hij verkregen heeft kan hij verkopen. Zo bezien bestaat short selling uit een combinatie van twee overeenkomsten, een repo of securities lending overeenkomst gecombineerd met een koopovereenkomst. Wanneer de inlener/koper onder een repo de terug te leveren aandelen op het moment van teruglevering in de markt tegen een lagere prijs kan kopen dan waarvoor hij de aandelen (short) verkocht, maakt hij winst ter grootte van het verschil. Een short seller profiteert dus van een koersdaling van de aandelen. Hij heeft een negatief economisch belang bij de aandelen. Naked, of ongedekte, short selling houdt in dat de short seller aandelen verkoopt die hij niet alleen niet bezit, maar die hij ook niet heeft ingeleend of onder een repo gekocht. Hij kan niet leveren, tenzij hij tijdig (binnen de leveringstermijn) soortgelijke aandelen alsnog koopt, zodat netto geen leveringsverplichting resteert.3 Deze variant is niet toegestaan, op grond van artikel 12 van de Verordening betreffende short selling en bepaalde aspecten van kredietverzuimswaps (EU 236/ 2012). Het effect van een short sale kan overigens ook met een aandelenswap bereikt worden.4