NJB 2023/2198
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Zorgmachtiging. Bereidheid zich te doen horen. Hoge Raad: In het licht van de omstandigheden van het geval heeft de rechtbank zonder nader onderzoek niet met voldoende zekerheid kunnen vaststellen dat betrokkene niet bereid was zich te doen horen.
HR 15-09-2023, ECLI:NL:HR:2023:1220
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15 september 2023
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, C.E. du Perron, K. Teuben
- Zaaknummer
23/01586
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1220, Uitspraak, Hoge Raad, 15‑09‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:607, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 19‑06‑2023
- Wetingang
(art. 6:1 lid 1 Wvggz)
Essentie
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Zorgmachtiging. Bereidheid zich te doen horen. Hoge Raad: In het licht van de omstandigheden van het geval heeft de rechtbank zonder nader onderzoek niet met voldoende zekerheid kunnen vaststellen dat betrokkene niet bereid was zich te doen horen.
Partij(en)
Betrokkene, adv. mr. G.E.M. Later, vs. de officier van justitie, niet verschenen.
Uitspraak
Procesverloop
De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend. Bij de mondelinge behandeling is betrokkene niet verschenen. De rechtbank heeft vastgesteld dat betrokkene niet bereid was zich te doen horen. Aan die vaststelling heeft de rechtbank ten grondslag gelegd dat betrokkene de deur ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.