NJ 2025/151
Onteigeningsrecht. Schadeloosstelling. Toepassing eliminatieregel (art. 40c (oud) Onteigeningswet). Vrijwillig verkocht deel perceel in zicht onteigening hoeft bij bepalen schadeloosstelling niet te worden weggedacht.
HR 16-05-2025, ECLI:NL:HR:2025:757, m.nt. E.W.J. de Groot
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
16 mei 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide, F.R. Salomons
- Zaaknummer
24/00570
- Conclusie
A-G mr. W.L. Valk
- Noot
E.W.J. de Groot
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD15547:1
- Vakgebied(en)
Onteigeningsrecht / Onteigening
Onteigeningsrecht / Schadeloosstelling
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:757, Uitspraak, Hoge Raad, 16‑05‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:35, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 10‑01‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑04‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 28‑03‑2024
- Wetingang
Art. 40c Onteigeningswet (oud)
Essentie
Onteigeningsrecht. Schadeloosstelling. Toepassing eliminatieregel (art. 40c (oud) Onteigeningswet). Vrijwillig verkocht deel perceel in zicht onteigening hoeft bij bepalen schadeloosstelling niet te worden weggedacht.
Samenvatting
Op grond van art. 40a (oud) Ow wordt bij het bepalen van de schadeloosstelling uitgegaan van de dag waarop het vonnis van de vervroegde onteigening is ingeschreven in de openbare registers. De feiten en omstandigheden zoals die op die dag bestonden, vormen uitgangspunt bij de bepaling en de begroting van de ten gevolge van de onteigening geleden schade (HR 16 juli 2021, NJ 2021/277). De redelijkheid kan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.