NJ 1931, p. 1570
Hof 's-Gravenhage, 08-03-1931
Hof 's-Gravenhage 08-03-1931, ECLI:NL:GHSGR:1931:18
- Instantie
Hof 's-Gravenhage
- Datum
8 maart 1931
- Magistraten
(Mrs. Potvliet, Schlingemann, Warren.)
- Zaaknummer
[80031931/NJ_1931,_p._1570]
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHSGR:1931:18, Uitspraak, Hof 's-Gravenhage, 08‑03‑1931
- Wetingang
Samenvatting
Hooger beroep komt ook toe aan dengeen, iie in eersten aanleg, als geopposeerde, niet is verschenen nadat hem als oorspronkelgk eischer zijn vordering bij verstek was toegewezen, doch in verzet was ontzegd.
Partij(en)
B. K., gemeente-ambtenaar te ‘s-Gravenhage, appellant, procureur Mr. H. Ligtenberg,
tegen:
C. M. de K., echtgenoote van B. K. te Loosduinen, geïntimeerde, procureur Mr. M. P. H Wiercx.
Uitspraak
[p. 1571 ►]
In rechte:
O. dat in dit geding vaststaat dat appellant tegen geïntimeerde heeft ingesteld eene vordering tot scheiding van tafel en bed op grond van buitensporigheden door haar jegens hem begaan, bij dagv. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.