NJB 2020/366
Rechtskader omtrent de bevoegdheid van de rolraadsheer om te oordelen over verzoeken tot vertrouwelijke behandeling (behandeling van het cassatieberoep met gesloten deuren en in afwezigheid van de belanghebbende, en het niet in het openbaar uitspreken van de te nemen beschikking) en het vervolg van de cassatieprocedure
HR 28-01-2020, ECLI:NL:HR:2020:134
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
28 januari 2020
- Magistraten
Mr. A.L.J. van Strien
- Zaaknummer
19/02297
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Strafprocesrecht / Voorfase
Staatsrecht / Rechtspraak
Internationaal strafrecht / Justitiële en politionele samenwerking
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2020:987, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 02‑06‑2020
ECLI:NL:HR:2020:134, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 28‑01‑2020
ECLI:NL:PHR:2019:1177, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 19‑11‑2019
- Wetingang
Essentie
Rechtskader omtrent de bevoegdheid van de rolraadsheer om te oordelen over verzoeken tot vertrouwelijke behandeling (behandeling van het cassatieberoep met gesloten deuren en in afwezigheid van de belanghebbende, en het niet in het openbaar uitspreken van de te nemen beschikking) en het vervolg van de cassatieprocedure
Uitspraak
Inleiding:
De Rechtbank heeft bij beschikking van 10 oktober 2018 het in artikel 552p, tweede lid, (oud) Sv bedoelde verlof verleend tot het ter beschikking stellen van de stukken van overtuiging die ter uitvoering van op een verdrag gegronde rechtshulpverzoeken zijn inbeslaggenomen.
Het beroep is ingesteld ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.