RF 2026/16
Kan een verdachte zich er op beroepen dat een veroordeling wegens gewoontewitwassen mede in verband met hypotheekfraude op gespannen voet staat met een vrijspraak voor oplichting van de bank?
HR 09-12-2025, ECLI:NL:HR:2025:1866
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 december 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, M. Kuijer, R. Kuiper
- Zaaknummer
23/01646
- Conclusie
A-G mr. P.H.P.H.M.C. van Kempen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD52621:1
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1866, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑12‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:942, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 09‑09‑2025
- Wetingang
Essentie
Hypothecaire fraude. Oplichting. Gewoontewitwassen
Kan een verdachte zich er op beroepen dat een veroordeling wegens gewoontewitwassen mede in verband met hypotheekfraude op gespannen voet staat met een vrijspraak voor oplichting van de bank?
Samenvatting
Medeverdachte, de vrouw van verdachte, heeft in 2005 voor € 750.000 een woonboerderij gekocht. Voor de financiering daarvan hebben zij een hypothecaire lening gesloten van € 450.000. Voor de aanvraag van de lening die zij samen hebben ingediend, is gebruikgemaakt van valselijk opgemaakte arbeidsovereenkomsten en een valselijk opgemaakte werkgeversverklaring ten aanzien van de vrouw. Voorts is gebleken dat verdachten onder meer een aantal andere ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.