NJB 2025/1856:Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Bereidheid zich te doen horen. Hoge Raad: Niet blijkt dat de rechtbank heeft onderzocht of betrokkene behoorlijk was opgeroepen. Evenmin heeft de rechtbank vastgesteld dat betrokkene langs andere weg bekend was met de plaats en het tijdstip van de mondelinge behandeling. Bij die stand van zaken kon de rechtbank niet vaststellen dat betrokkene niet bereid was zich te doen horen.