NJB 2025/868:Vertegenwoordiging benadeelde partij, art. 51c lid 3 Sv: o.g.v. deze bepaling kan de benadeelde partij zich doen vertegenwoordigen door onder meer een gemachtigde die is voorzien van een schriftelijke bijzondere volmacht van die benadeelde partij. Die bepaling strekt zich ook uit tot de voeging door een voegingsformulier (art. 51g lid 1 Sv). Zo’n volmacht is echter niet vereist als de benadeelde partij een rechtspersoon is en het voegingsformulier is ondertekend door een persoon die optreedt namens de rechtspersoon. In casu kon het hof oordelen dat [betrokkene 1] het ‘Verzoek tot Schadevergoeding’ als vertegenwoordiger van [A] B.V. heeft ondertekend en dat hij dus optreedt namens deze rechtspersoon. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk, mede in aanmerking genomen dat uit de vaststellingen van het hof blijkt dat de aangifte is gedaan in de winkel van [A] B.V. door [betrokkene 1] als “eigenaar van [A]”, en dat deze door het hof aan het verzoek en de aangifte ontleende omstandigheden in hoger beroep ook niet inhoudelijk zijn weersproken door de verdediging.