BNB 2019/7
Wijziging inkeerregeling te beschouwen als voor de belanghebbende nadelige wijziging van sanctiebepaling? Legaliteitsbeginsel
HR 02-11-2018, ECLI:NL:HR:2018:2041, m.nt. F.J.P.M. Haas
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 november 2018
- Magistraten
Mrs. De Groot, Fierstra, Wortel, Beukers-van Dooren, Cools
- Zaaknummer
17/04086
- Conclusie
A-G IJzerman
- Noot
F.J.P.M. Haas
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS930056:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Boete
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2018:2041, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑11‑2018
ECLI:NL:PHR:2018:688, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 14‑06‑2018
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑10‑2017
- Wetingang
Essentie
Wijziging inkeerregeling te beschouwen als voor de belanghebbende nadelige wijziging van sanctiebepaling? Legaliteitsbeginsel
Samenvatting
Nadat belanghebbende met beroep op de wettelijke inkeerregeling de Inspecteur op de hoogte had gebracht van tot dan toe niet aangegeven tegoeden bij een Zwitserse bank, is zij met de Inspecteur overeengekomen dat de correcties IB/PVV 2001 tot en met 2013 worden geformaliseerd in een navorderingsaanslag over 2013 met rente en boeten van 30%. In de vaststellingsovereenkomst is bepaald dat tegen de navorderingsaanslag bezwaar en beroep openstaan voor zover het de boeten betreft. Voor de Rechtbank was in geschil of de boeten voor de jaren ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.