Einde inhoudsopgave
RvdW 2017/1278
Aansprakelijkheid van degene die gebrekkige opstal gebruikt in uitoefening van bedrijf (art. 6:181 lid 1 BW); maatstaf; precisering HR 26 november 2010, NJ 2010/636. Onpartijdigheid rechter: aanwijzingen voor ontbreken van onpartijdigheid?
HR 24-11-2017, ECLI:NL:HR:2017:3016
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
24 november 2017
- Magistraten
Mrs. C.A. Streefkerk, G. Snijders, T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, C.H. Sieburgh
- Zaaknummer
16/02453
- Conclusie
plv. P-G mr. F.F. Langemeijer
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2017:3016, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 24‑11‑2017
ECLI:NL:PHR:2017:887, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 14‑07‑2017
Beroepschrift, Hoge Raad, 12‑08‑2016
Beroepschrift, Hoge Raad, 28‑04‑2016
- Wetingang
Essentie
Aansprakelijkheid van degene die gebrekkige opstal gebruikt in uitoefening van bedrijf (art. 6:181 lid 1 BW); maatstaf; precisering HR 26 november 2010, NJ 2010/636. Onpartijdigheid rechter: aanwijzingen voor ontbreken van onpartijdigheid?
De taak van de rechter brengt mee dat hij bevoegd is in voorkomend geval een getuige te confronteren met een tegenstrijdigheid tussen diens verklaring en het reeds voorhanden bewijsmateriaal. Het staat de rechter in zodanig geval ook vrij om de getuige te herinneren aan de op grond van art. 177 lid 2 Rv afgelegde eed. Het feit dat de rechter ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.