AB 2019/30
Deelnemer aan samenwerkingsverband wil worden toegelaten als partij aan het geding tussen de subsidieverstrekker en een andere deelnemer aan het samenwerkingsverband. Het geding betreft een subsidievaststellingsbesluit dat aan eerstgenoemde deelnemer op onjuiste wijze is bekendgemaakt. Tegen deze subsidievaststelling is door deze deelnemer tijdig bezwaar gemaakt, maar daarop is nog niet beslist. Daarom kan deze deelnemer niet als partij tot het geding worden toegelaten.
CBb 24-05-2016, ECLI:NL:CBB:2016:375, m.nt. J.E. van den Brink en V.A. van Waarde
- Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum
24 mei 2016
- Magistraten
Mrs. R.R. Winter, A. Venekamp, H.L. van der Beek
- Zaaknummer
15/877
- Noot
J.E. van den Brink en V.A. van Waarde
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS269213:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursrecht algemeen / Subsidie
- Brondocumenten
ECLI:NL:CBB:2016:375, Uitspraak, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 24‑05‑2016
- Wetingang
Art. 2:1, 2:14 lid 1, art. 3:41, 6:7, 6:8 lid 1, art. 8:26 lid 1 Awb
Essentie
Deelnemer aan samenwerkingsverband wil worden toegelaten als partij aan het geding tussen de subsidieverstrekker en een andere deelnemer aan het samenwerkingsverband. Het geding betreft een subsidievaststellingsbesluit dat aan eerstgenoemde deelnemer op onjuiste wijze is bekendgemaakt, omdat het enkel aan de penvoerder is toegezonden. Tegen dit subsidievaststellingsbesluit is door deze deelnemer tijdig bezwaar gemaakt, maar daarop is nog niet beslist. Daarom kan deze deelnemer niet als partij tot het geding worden toegelaten.
Samenvatting
Niet in geschil is dat het besluit van 10 oktober 2015 door de minister is toegezonden aan Talking Trends en de UvA. De vraag rijst of ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.