Einde inhoudsopgave
Zekerheid voor leverancierskrediet (O&R nr. 117) 2019/4.3.3
4.3.3 Het Belgische recht
mr. K.W.C. Geurts, datum 01-10-2019
- Datum
01-10-2019
- Auteur
mr. K.W.C. Geurts
- JCDI
JCDI:ADS90972:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Voetnoten
Voetnoten
Art. 2 Wet Pand Handelszaak. Hof van Cassatie 6 november 1970, RW 1970-71, 1326; Du Laing & Cousy 2001, p. 41-46; Dirix & De Corte 2006, nr. 520.
Jansen 2017, nr. 12. Er is wel een geschrift vereist als de pandgever een consument is, art. 4 lid 2 Pandwet. Art. 4 lid 1 Pandwet bepaalt wel wat partijen allemaal in de overeenkomst moeten afspreken.
Art. 39 Pandwet.
Art. 15 Pandwet. De registratie in het pandregister vindt plaats overeenkomstig de regels in art. 26 e.v. Pandwet. Zie over de werking van het Pandregister, Bontinck 2017, nr. 1-55.
Vgl. Brussel 22 april 2002, NJW 2003/20, p. 164.
Het Belgische recht kent het vuistpandrecht en het registerpandrecht. Geen van beide pandrechten is exclusief bedoeld ter securering van leverancierskrediet. Aan het pandrecht wordt daarom geen superprioriteit toegekend, anders dan aan het eigendomsvoorbehoud en het voorrecht van de onbetaalde verkoper. Waarom wenst de leverancier dan toch een pandrecht in sommige gevallen? Dit kan ten eerste te maken hebben met de strikte reikwijdte van het eigendomsvoorbehoud in het Belgische recht. Het eigendomsvoorbehoud is beperkt tot de geleverde zaak en bijbehorende koopprijsvordering. Het kan geen andere vorderingen dan de koopprijs van de geleverde zaak secureren, niet op een andere dan de geleverde zaak rusten en niet worden uitgebreid tot een kredieteigendomsvoorbehoud. Het pandrecht kent deze beperkingen niet. Het kan worden gevestigd voor andere vorderingen dan de koopprijs, meerdere (koopprijs)vorderingen, en op andere goederen dan de geleverde zaken. Het pandrecht kan zelfs een universaliteit, een geheel van roerende zaken en vorderingen bezwaren op grond van art. 7 lid 1 Pandwet. Een voorbeeld is het registerpandrecht op de handelszaak, zijnde het geheel van de inrichting, het meubilair, het gereedschap, de IE-rechten, de huurrechten, andere vermogensrechten, en eventueel ook vorderingsrechten van een onderneming.1
Evenals in het Nederlandse recht gelden voor de vestiging van een pandrecht (bij voorbaat) meer vormvereisten dan voor het bedingen van een eigendomsvoorbehoud. Een verschil tussen het Nederlandse en Belgische recht is dat de vestiging van een pandrecht in het Belgische recht geschiedt in twee fasen, evenals de security interest in Article 9 UCC. Ten eerste dienen partijen (vormvrij) wilsovereenstemming te bereiken over de vestiging van het pandrecht, art. 2 Pandwet. Verder dient in de overeenkomst tot vestiging van het registerpandrecht een maximumbedrag op te zijn genomen. Met deze eerste stap ontstaat het pandrecht. Deze is echter slechts geldig tussen partijen.2 Voor derdenwerking (tegenwerpelijkheid) van het pandrecht dient het pandrecht kenbaar te zijn voor derden. Dit kan geschieden door de zaak in de feitelijke macht van de leverancier of een derde te brengen (buitenbezitstelling).3 De leverancier kan ook kiezen voor registratie van het pandrecht in het Pandregister.4
Onduidelijk is of het mogelijk is voor de leverancier om zich een pandrecht voor te behouden. In de literatuur heb ik niets kunnen vinden over een voorbehouden pandrecht in het Belgische recht. Een voorbehouden vuistpandrecht lijkt niet mogelijk en ook niet wenselijk voor de praktijk. In zo’n geval dienen de zaken in de feitelijke macht van de pandhouder te worden gebracht en te blijven, waardoor de koper de zaken niet onder zich krijgt en kan gebruiken.5 Een voorbehouden registerpandrecht lijkt wel mogelijk te zijn. Ten eerste is geen feitelijke machtsverschaffing maar registratie vereist voor derdenwerking. Ten tweede staat de wet het voorbehouden van de eigendom toe. Aangezien de functionele benadering meebrengt dat het eigendomsvoorbehoud en pandrecht als zekerheidsrechten zoveel mogelijk hetzelfde behandeld moeten worden, lijkt een voorbehouden pandrecht ook toegestaan te zijn.