NJB 2023/1714
Niet-genoten vakantiedagen. Verjaring. EU-recht. Hoge Raad: Het EU-recht verzet zich tegen een nationale regeling op grond waarvan het recht op vakantie na vijf jaar verjaart, wanneer de werkgever de werknemer niet daadwerkelijk in staat heeft gesteld om dit recht uit te oefenen.
HR 23-06-2023, ECLI:NL:HR:2023:955
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
23 juni 2023
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, C.H. Sieburgh, A.E.B. ter Heide, F.R. Salomons, K. Teuben
- Zaaknummer
22/03486
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:955, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 23‑06‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:93, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 20‑01‑2023
Beroepschrift, Hoge Raad, 21‑09‑2022
- Wetingang
(art. 31 lid 2 Handvest; art. 7 Richtlijn 2003/88; art. 7:642 BW)
Essentie
Niet-genoten vakantiedagen. Verjaring. EU-recht. Hoge Raad: Het EU-recht verzet zich tegen een nationale regeling op grond waarvan het recht op vakantie na vijf jaar verjaart, wanneer de werkgever de werknemer niet daadwerkelijk in staat heeft gesteld om dit recht uit te oefenen.
Partij(en)
W, adv. mr. J.H.M. van Swaaij, vs. A, niet verschenen.
Uitspraak
Feiten en procesverloop
In 2005 is A als advocaat in dienst getreden bij W. Sinds 2018 hebben partijen een geschil over het aantal openstaande vakantiedagen. Zij hebben ook andere geschillen.
In dit geding heeft W de kantonrechter verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden. A ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.